|
In soera Aali Imraan vertelt Allah (swt) over boeken die Hij (swt) middels Zijn Boodschappers tot de mensheid nedergezonden heeft, de Torah van Moesa (as), het Evangelie van ‘Isa (as) en de Edele Koran van Mohammed (saw):
"Hij heeft u het Boek met de waarheid nedergezonden, vervullende, hetgeen er aan voorafgaat en Hij zond voordien de Tora en het Evangelie als leiding voor het volk" (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Aali Imraan 3, vers 3)
Hierbij is opmerkelijk dat Allah (swt) voor het nederzenden van de Koran het woord nazzala gebruikt, terwijl hij voor het nederzenden van de Tora en het Evangelie het woord anzala gebruikt. De reden hiervoor is de connotatie van de woorden nazzala en anzala, hetgeen zij de mensen aan doen denken buiten nederzenden.
Nazzala impliceert namelijk een geleidelijk nederzenden, in stappen, verdeeld over tijd. Anzala, daarentegen, impliceert nederzenden in één keer, alles tegelijk.
De woordkeuze van Allah (swt) voor wat betreft nederzenden houdt dus rekening met de realiteit van ieder van de genoemde Boeken. Het maakt niet enkel duidelijk dat al deze Boeken door Allah (swt) nedergezonden zijn, het maakt ook duidelijk hoe precies ieder van deze Boeken nedergezonden is, en het maakt duidelijk dat er een verschil is tussen de manier waarop de Koran is nedergezonden en de manier waarop de Torah en het Evangelie nedergezonden zijn.
Het eerste vers van soera Al Qadr bespreekt specifiek de nederzending van de Koran:
"Waarlijk, Wij hebben u (de Koran) nedergezonden, in de waardevolle nacht." (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Qadr 97, vers 1)
In dit vers gebruikt Allah (swt) echter niet het nazzala dat Hij (swt) eerder gebruikte voor het nederzenden van de Koran en dat geleidelijkheid aanduidde, maar het anzala dat hij gebruikte voor de Tora en het Evangelie en dat op een enkele, complete nederzending duidde.
De reden voor deze ogenschijnlijke inconsistentie en fout wordt duidelijk wanneer men bekend is met de geschiedenis van nederzending van de Koran volgen Ibn ‘Abbas, en met het verschil in context tussen het vers van soera Aali Imraan en soera Al Qadr. Ibn ‘Abas zegt over de nederzending van de Koran: "Allah (swt) heeft de volledige Koran nedergezonden van Al Lauh al Mahfoeth (het Bewaarde Tablet bij Allah (swt)) naar Bayt al ‘Izza (het Huis van Macht) dat zich in de hemel van deze wereld bevind. Daarna kwam het neder tot de Boodschapper van Allah (saw) in delen, de gebeurtenissen volgend die plaats hadden over een periode van 23 jaren."
In soera Al Qadr spreekt Allah (swt) over de eerste stap van nederzending van de Koran, namelijk de stap naar nederzending tot Bayt al ‘Izza tijdens Laylat el Qadr in de maand Ramadan. In soera Aali Imraan, daarentegen, bespreekt Allah (swt) de laatste stap in de nederzending van de Koran tot de Boodschapper van Allah (saw), in delen verdeeld over drieëntwintig jaren.
Dit is derhalve een voorbeeld van de niet te evenaren eloquentie van de Koran. Zovele woorden dragen diepere betekenissen met zich mee, betekenissen achter de bovenliggende betekenis die pas duidelijk worden wanneer men de verzen diep overdenkt. En ieder woord dat gebruikt wordt blijkt dan ten beste de bedoelde betekenis uiteen te zetten, waardoor de boodschap zo precies verwoord wordt dat deze als een film tot even komt in de gedachten van de lezer. Waardoor de Koran de lezer iedere keer weer versteld doet staan en deze nooit genoeg krijgt van het lezen van en nadenken over de Koran.
Bron: arabicgems.wordpress.com
|