vrijdag 10 februari 2012 In de naam van Allah, De Barmhartige De Erbarmer
Home
Missie & Visie
De weg naar geloof
Verklaringen
Pamfletten
Boeken
Intellectualisme
Definities&Termen
Wetgeving
Politiek
Multimedia
Koran
Hadith
Reacties
Van de lezers
Nieuws & Commentaar
Boek
Home arrow De weg naar geloof arrow 1999 arrow Het verstandelijke bewijs voor het bestaan van de Schepper
Het verstandelijke bewijs voor het bestaan van de Schepper Afdrukken E-mail
dinsdag 28 december 2004

Het verstandelijke bewijs voor het bestaan van de Schepper:

Het bewijs voor het bestaan van Allah (SWT) kunnen wij in alles terug vinden. Omdat het bestaan van alle waarneembare dingen een vaststaand feit is en dat alles afhankelijk is van iets anders,wat voor ons een absolute waarheid is. Het is vanzelfsprekend dat alles door een schepper is geschapen, want het feit dat alles afhankelijk is van iets anders betekend dat het geschapen is. Het feit dat alles afhankelijk is betekend dat niets eeuwig is, er moet altijd iets ervoor geweest zijn.

Men kan beweren dat: bepaalde voorwerpen alleen afhankelijk zijn van soortgelijke voorwerpen, want voorwerpen vullen elkaar aan en daarom zijn ze niet afhankelijk.

Deze stelling is fout, want het gaat hier om de bewijsvoering over specifieke soorten van voorwerpen, zoals een pen, een kan of een papier die door een schepper zijn geschapen. Hieruit blijkt dat een voorwerp afhankelijk is van een ander, afgezien van het feit wie de ander is. En dit ander is niet het voorwerp zelf, dit is voor iedereen zintuiglijk waarneembaar. Hiermee is bevestigd dat een voorwerp of een ding die van een ander afhankelijk is niet eeuwig kan zijn en is zeker door een ander geschapen.

Men kan ook beweren dat: een voorwerp die van materie is, alleen materie nodig heeft dus alleen zichzelf nodig heeft en daarom niet afhankelijk kan zijn.

Deze stelling is ook fout want, wanneer wij er van uitgaan dat een voorwerp die van materie is en alleen materie nodig heeft dan is de behoefte zelf van deze materie een behoefte aan iets anders dan de materie zelf. Dus het heeft geen behoefte aan zichzelf, omdat de materie uit zichzelf niet in staat is om de behoefte van andere materie aan te vullen.

Er moet in dit geval iets anders dan de materie zijn die het aan kan  dus het is afhankelijk van een ander en niet van zichzelf. Bijvoorbeeld voor dat het water verdampt is er een hoog temperatuur nodig. Als we er van uitgaan dat de temperatuur en het water van materie zijn dan is de temperatuur op zich niet voldoende om het water te laten verdampen. Maar er is een bepaalde percentage van temperatuur nodig om de verdamping van het water te realiseren. Dit specifieke percentage van temperatuur is hetgeen wat het water nodig heeft om te verdampen. Dit percentage is niet door het water zelf of door de temperatuur opgelegd maar door iets anders dan de materie. Dit maakt de materie helemaal afhankelijk van het percentage.

Derhalve is de materie afhankelijk van een ander die dit percentage vaststelt. De afhankelijkheid van de materie van een andere is in dit geval een vast staand feit en is daarom behoeftig dus door een schepper geschapen.

Op grond hiervan zijn alle zintuiglijk waarneembare dingen die wij beseffen door een schepper geschapen.

De schepper moet eeuwig zijn en geen begin hebben, want als de schepper niet eeuwig is dan is hij een schepsel en kan geen schepper zijn, omdat hij een schepper is moet hij eeuwig zijn. De schepper is absoluut eeuwig.

Wanneer wij bepaalden dingen bekijken waarvan wij het vermoeden hebben dat het een schepper kan zijn, denken wij aan drie mogelijkheden de materie de natuur of Allah. De stelling dat de materie de schepper kan zijn is onjuist, want dat is gebleken uit het feit dat het percentage die de materie nodig heeft om bepaalde zaken tot verandering te brengen door een ander wordt vastgesteld. En daarom is de materie niet eeuwig en wat niet eeuwig is kan geen schepper zijn.

De natuur kan ook niet de schepper zijn, want de natuur is een samenstelling van dingen in het universum die volgens een bepaald systeem functioneren.

De orde van deze dingen ontstaat niet alleen door het systeem zelf, want als deze dingen niet bestaan dan bestaat er ook geen systeem. De orde ontstaat ook niet door de dingen, want door het bestaan van deze dingen ontstaat niet van vanzelfsprekend en automatisch een systeem, en ook door haar bestaan zelf komt geen orde zonder een organisator. En het komt ook niet door de dingen en het systeem want orde komt alleen tot stand door een bepaalde status die op de dingen en het systeem gelegd wordt. Door deze speciale status van het systeem en de dingen ontstaat de orde. De speciale status is op het systeem en de dingen vastgelegd en alleen hierdoor ontstaat de orde. Deze orde komt niet door het systeem en de dingen maar door een ander. Daarom is de natuur alleen in staat om tot beweging te komen door een bepaalde status die op haar door een andere is opgelegd, wat betekent dat de natuur een andere nodig heeft. Dus ook deze is niet eeuwig want wat niet eeuwig is kan geen schepper zijn. Er blijft alleen de schepper over die deze eigenschap heeft en Hij is eeuwig en dat is Allah (swt).

Het bestaan van Allah (swt) is zintuiglijk waarneembaar. En d.m.v. onze zintuigen kunnen wij zijn bestaan beseffen. Want de zintuiglijk waarneembare dingen die wij beseffen zijn behoeftig en deze behoefte verwijst naar de eeuwige, dus naar het bestaan van de schepper.

Hoe meer de mens zich verdiept in de schepsels van Allah (swt) en het universum bestudeert, de tijd en ruimte omcirkeld beseft hij dat hij een klein wezen is ten opzichte van deze bewegende werelden. En beseft ook dat deze werelden draaien volgens vaste en specifieke regels en wetten hierdoor kan men absoluut het bestaan van deze schepper en zijn eenheid en machtigheid beseffen. Ook door het verschil die de mens ziet tussen dag en nacht en het bestaan van de zeeën en rivieren en de sterren. Dit zijn allemaal verstandelijke en sprekende aanwijzingen voor het bestaan van Allah (swt).

"In de schepping van de hemelen en de aarde, in het verschil van nacht en dag, in de schepen die op zee varen met wat nuttig is voor de mensen, in het water dat Allah uit de hemel laat neerdalen om daarmee de aarde te doen herleven nadat zij dood was, in dat Hij allerlei dieren erop heeft verspreid, in het besturen van winden en in de wolken die voortgedreven worden tussen hemel en aarde zijn tekenen voor mensen die verstandig zijn" (Zie vertaling v.d. betekennissen v.d. Koran; soerat Al-bakara; 164)

Het verstand is het gene die het bestaan van Allah (swt) kan beseffen, en het is ook de weg naar het geloof. Daarom heeft de Islam het gebruiken van het verstand verplicht, en om het als arbiter te laten dienen in het geloven in het bestaan van Allah (swt). Derhalve is het bewijs voor het bestaan van Allah (swt) een verstandelijk bewijs.

De eigenschappen van Allah (SWT) :

Het bestaan van Allah (SWT) is zintuiglijk waarneembaar. Alles wat zintuiglijk waarneembaar is kan verstandelijk beredeneerd en onderzocht worden. Hiertegen zijn de eigenschappen van Allah (SWT) niet zintuiglijk waarneembaar, dus niet verstandelijk onderzoekbaar hierdoor zijn we genoodzaakt om de overgeleverde bronnen (Koran, Soennah) te raadplegen.

Het bewijs over een onderwerp kan alleen verstandelijk of overgeleverd zijn.

Verstandelijke bewijs:

Het verstandelijke bewijs is het bewijs die het verstand zelf heeft uitgevonden en bewerkstelligt. Bijvoorbeeld onze stelling: het heelal is begrensd omdat het een geheel van stelsels is en elke geheel is begrensd. Dus het geheel van begrensde delen is vanzelfsprekend begrensd. Als we naar de "begrensde" kijken zien we dat het niet eeuwig is want als het eeuwig zou zijn zou het niet begrensd zijn. Hierdoor is het heelal niet eeuwig dus hij is door een ander geschapen.

Dit is een voorbeeld van een verstandelijk bewijsvoering over het feit dat het heelal geschapen is door een schepper. Het verstand zelf heeft dit uitgevonden en geformuleerd hierdoor noemen we dit een verstandelijke bewijs.

Het is van belang dat we onderscheid maken tussen verstandelijk begrip en bewijs.

Het verstandelijke bewijs zoals we eerder hebben gezegd is de uitvinding van een bewijs van het verstand zelf. Maar het verstandelijke begrip is wat het verstand zelf begrepen heeft en niet wat het verstand bewezen heeft. Het verstandelijke begrip betekent het verstandelijk besef van de betekennissen van een zin m.a.w. de rol van het verstand hier is het begrijpen van iets wat al bestaat of iets wat al uitgevonden is.

Overgeleverde bewijs:

Het overgeleverde bewijs is het bewijs die door Allah (SWT) en Mohammed (VZMH) overgeleverd is m.a.w. Koran, Soennah en hetgeen waar deze twee naar toe wijzen (Idjma'oe Essahabe en Kiyas).

Bijvoorbeeld: het bewijs voor de verplichting om met de Wet van Allah (SWT) te regeren.

"... en wie niet oordeel vellen volgens wat Allah heeft neergezonden dat zijn de ongelovigen." (zie vertaling v.d. betekennissen v.d. Koran soerat Al-Ma'ida; 44)

" ...Oordeel dan tussen hen volgens wat Allah heeft neergezonden en volg hun neigingen niet in afwijking van wat van de waarheid tot jou gekomen is. Voor een iedere van jullie hebben Wij een norm en een weg bepaald..." (Zie vertaling v.d. betekennissen v.d. Koran soerat Al-Ma'ida; 48)

conclusie:

Het onderwerp omtrent verstandelijk of overgeleverd bewijs bepaald het feit van het onderzoeksveld. Wat zintuiglijk waarneembaar is zoals het bestaan van Allah (SWT) is verstandelijke bewijsbaar. Hiertegenover zijn de eigenschappen van Allah (SWT) niet verstandelijk bewijsbaar omdat het verstand de essentie van Allah niet kan waarnemen noch beseffen. Om die reden kan de eigenschappen van Allah (SWT) alleen door een vaststaand (onbetwijfelbaar, onmiskenbaar) overgeleverde bewijs bewezen worden.

Is de Islamitische Credo (Akiedah) puur verstandelijk?

De Islamitische Akiedah is onder te verdelen in twee categorieën.

1. Wat alleen het verstand bewezen heeft zoals het bestaan van Allah (SWT), dat de Koran Allah's woord is en de profeetschap van Mohammed (VZMH).

2. Wat overgeleverd is zoals het bestaan van Engelen en, Paradijs, Hel etc...

Alhoewel de Islamitische Akiedah overgeleverde delen bevat is het toch verstandelijk omdat de bron (de Koran) die de overgeleverde bewijzen impliceert op het verstand gebaseerd is. Het verstand heeft eerst de geloofswaardigheid van de Koran bewezen. Nadat het verstand de geloofswaardigheid van de Koran vastgesteld heeft, is het mogelijk geworden dit als referentiepunt te nemen.

 

< Vorige   Volgende >
 [ Arabisch ]