zondag 12 februari 2012 In de naam van Allah, De Barmhartige De Erbarmer
Home
Missie & Visie
De weg naar geloof
Verklaringen
Pamfletten
Boeken
Intellectualisme
Definities&Termen
Wetgeving
Politiek
Multimedia
Koran
Hadith
Reacties
Van de lezers
Nieuws & Commentaar
Boek
Home
Zonder Islamitische Staat Al Khilafa is er geen ‘Ibaada Afdrukken E-mail
zaterdag 21 juni 2008

De oproep tot aanbidding (‘ibaada) van Allah (swt), en enkel Allah (swt), is de kern van de boodschap waarmee Profeet Mohammed (saw) tot de mensheid werd gezonden. Het bewijs hiervoor is het feit dat de soera's die in Mekka geopenbaard zijn vóór de Hidjra van de Profeet (saw) naar Al Madina, de oproep tot aanbidding van Allah (swt) als primair onderwerp hebben:

"En uw Heer zegt: ‘Aanbidt Mij; Ik zal uw gebed verhoren. Maar zij die te hoogmoedig zijn om Mij te aanbidden, zullen veracht de hel binnengaan'." (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Moe'uminoen 40, vers 60)

"Ter bescherming van de Qoraiesj, Ter bescherming op hun zomer- en winterreis. Laten zij derhalve de Heer van dit Huis (de Ka'aba) aanbidden. Die hen van voedsel tegen honger heeft voorzien en van vrees bevrijd." (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Qoraiesj 106, vers 1 - 4)

"De beslissing berust bij Allah alleen. Hij heeft bevolen dat gij naast Hem niets zult aanbidden. Dit is de juiste godsdienst, maar de meeste mensen beseffen het niet." (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Joesoef 12, vers 40)

"Zeg: ‘Het is mij bevolen, Allah te aanbidden en niets met Hem te vereenzelvigen. Tot Hem roep ik en tot Hem is mijn terugkeer'." (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Ar Ra'ad 12, vers 36)

"Zeg: ‘O gij ongelovigen, Ik aanbid niet, wat gij aanbidt, noch aanbidt gij, wat ik aanbid. Noch wil ik aanbidden, wat gij aanbidt, Nogmaals gij wilt niet aanbidden wat ik aanbid. Derhalve voor u uw godsdienst en voor mij mijn godsdienst'." (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera kaafiroen 109, vers 1 - 6)

Deze verzen, en er zijn nog verschillende andere van gelijke strekking, roepen de mensen ondermeer op tot de verrichting van de handelingen van aanbidding om Allah (swt) te eren. Want dit is onderdeel van aanbidding. En vanzelfsprekend, want buiten Allah (swt) is er niets of niemand die het waard is om vereerd te worden middels handelingen van aanbidding. Allah (swt) is de Almachtige, de Onafhankelijke en Degene van wie alles afhankelijk is. En om iets dan anders buiten Allah (swt) te vereren middels handelingen van aanbidding, zou betekenen dat hetgeen zelf onmachtig en afhankelijk is, hetgeen zichzelf niet eens kan helpen laat staan anderen, vereerd wordt. En dit is onzinning.

Deze handelingen van aanbidding zijn eerst en vooral de salah (het gebed), de sauwm (het vasten), de Hadj (de bedevaart naar de Ka'aba in Mekka) en het betalen van de zakah (heffing van 2.5% over het bezit). Maar naast deze voor de moslim verplichte handelingen van aanbidding zijn er ook nog andere handelingen van aanbidding, die een meer vrijwillig karakter hebben. Zoals de ‘itikaaf (afzondering in de moskee), de ‘oemra (vrijwillige bedevaart, ook wel "kleine bedevaart" genoemd), het lezen van de Edele Koran en het gedenken van Allah (swt) middels het overdenken van de wonderen in Zijn (swt) Schepping.

Echter, deze handelingen van aanbidding ter verering van Allah (swt) is niet alles waartoe deze verzen de mensen oproepen. Want het verrichten van de handelingen van aanbidding ter ere van Allah (swt) is slechts een deel van de complete aanbidding van Allah (swt) - een feit waar helaas geregeld aan voorbij wordt gegaan.

Het bewijs hiervoor is het feit dat het Arabische woord dat in de verzen gebruikt wordt voor "aanbidding", ‘ibaada, door de mensen die als eersten met deze verzen geconfronteerd werden volkomen anders werd begrepen dan enkel "het verrichten van handelingen van aanbidding ter verering van Allah (swt). De reden hiervoor was dat deze mensen, waaronder de eersten en meest vooraanstaanden van Sahaba, het Arabische woord ‘ibaada (aanbidding) van genoemde verzen begrepen overeenkomstig haar letterlijke betekenis. En de letterlijke betekenis van het Arabische woord ‘ibaada is "aanbidden en toewijding", "zich onderwerpen en gehoorzamen", "onder de autoriteit komen en diens dienaar worden". In eerste instantie werd de oproep tot aanbidding van enkel en alleen Allah (swt) dus in het geheel niet enkel begrepen als een oproep tot de verrichting van handelingen van aanbidding ter verering van Allah (swt). Ook omdat op het moment dat genoemde verzen geopenbaard werden de meeste van de handelingen van aanbidding ter verering van Allah (swt) nog niet gecommuniceerd waren door Allah (swt). De wetgeving omtrent de handelingen van aanbidding ter verering van Allah (swt), zoals de salah en de zakah en de hadj, werd immers pas veel later geopenbaard door Allah (swt).

Dus toen Profeet Mohammed (saw) in Mekka opstond om de mensen uit de nodigen tot ‘ibaada van Allah (swt), tot de aanbidding van enkel en alleen Allah (swt), toen begrepen de mensen hieruit dat zij opgeroepen werden tot de volledige onderwerping aan Allah (swt). Zij begrepen dat Profeet Mohammed (saw) met zijn uitnodiging tot ‘ibaada de mensen opriep om afstand te nemen van de heerschappij van de verlangens van de mens. Oftewel, de situatie zoals deze gold in Mekka, waar de elite van Qoraiesj over de mensen regeerde zoals deze elite wenste en volgens de wetten en systemen die deze elite zelf bedacht. De mensen begrepen dat de oproep van Profeet Mohammed (saw) tot ‘ibaada van enkel en alleen Allah (swt) een oproep was om in plaats hiervan Allah (swt) tot soeverein te nemen. Om enkel Allah (swt) als Heer te nemen, om Hem (swt) de Wet te laten voorschrijven, en om het leven te leiden volgens de manier die Hij (swt) voorschrijft.

Het is daarom ook dat de Qoraiesj Profeet Mohammed (saw) en zijn metgezellen aanvielen, en hen martelden en probeerden te vermoorden. Omdat Profeet Mohammed (saw) de mensen opriep om een einde te maken aan het tijdperk van de heerschappij van de Qoraiesj, waarin een kleine elite van mensen regeerde en de wet maakte en die daarbij enkel aan hun eigenbelang dacht en de belangen van al de andere mensen negeerde. Profeet Mohammed (saw) riep de mensen op tot beëindiging van deze praktijk en tot ‘ibaada van Allah (swt). Oftewel, tot de onderwerping aan Hem (swt) die dit verdient, door alles in het leven plaats te laten vinden volgens Zijn (swt) geboden en verboden. In plaats van onderwerping van mensen aan andere mensen of aan afgoden.

Dit alles betekent dat het incorrect is om te denken dat ‘ibaada gelijk is aan de rituele handelingen van aanbidding. Het betekent dat het incorrect is om te denken dat men in aanbidding van Allah (swt) leeft zolang men maar de rituele handelingen van aanbidding verricht die Islam voorschrijft, de salah, de sauwm, de zakah, en de Hadj. Men kan al deze rituelen verrichten zoveel men wil, maar in werkelijkheid is er van de ware ‘ibaada in het geheel geen sprake als men zich tegelijkertijd niet onderwerpt aan Allah (swt) en Hem (swt) de wet laat voorschrijven. Met andere woorden, als het leven niet geordend wordt volgens de Wet van Allah (swt), als het niet de Wet van Allah (saw) is die bepaalt wat toegestaan is en wat niet, die bepaalt wat gedaan moet worden en wat niet gedaan mag worden, die bepaalt waarnaar de moslims streeft in zijn leven en waarvan hij weg probeert te blijven, dan is er van de ware ‘ibaada waartoe Islam oproept in het geheel geen sprake.

Het is daarom Profeet Mohammed (saw) zich inspande om de Islamitische Staat te stichten. Hij bezocht de stammen van Kinda, Kalb, Banoe Hanifa en Banoe ‘Aamir ibn Sa'asa voor deze reden. Hij (saw) nodigde hen uit tot Islam en riep hen op om hem (saw) als leider te nemen. Wat Banoe ‘Amir betreft, zij wilden in ruil voor het geven eed van trouw de belofte dat na hem (saw) de autoriteit over zou gaan op iemand van hen. Dit betekent dat zij niet bereid waren om zichzelf werkelijk te onderwerpen aan Allah (swt) en Zijn Boodschapper (saw), zij zochten enkel het profijt. Hij (saw) antwoordde daarom: Autoriteit is een kwestie die Allah plaatst waar Hij wil. En toen Banoe ‘Aamir dit hoorde weigerden ook zij om hem te helpen. Met de toestemming van Allah (swt) waren het uiteindelijk Banoe Aws en Banoe Chazradj uit Yathrib (Al Madina) die in hem (saw) geloofden en die zich daarom onderwierpen aan Allah (swt) en Zijn Boodschapper (saw). Zij nodigden hem (saw) uit om naar hen te komen, en zij beloofden zich te onderwerpen aan het oordeel van Allah (swt) en om Islam en de moslims te verdedigen. En zo werd de Islamitische Staat gesticht, zo werd Profeet Mohammed (saw) tevens staatshoofd, en zo werd de Wet van Allah (swt) in de praktijk gebracht in alle onderdelen van het leven. Vanaf dat moment waren de moslims in staat om het leven te leiden in complete onderwerping aan Allah (swt), omdat zij in staat waren om alles in hun leven te doen volgens de Wet van Allah (swt). Terwijl voorheen de Qoraiesj hen tegenwerkten in hun aanbidding van Allah (swt) en hen niet toestonden om de Wet van Allah (swt) te volgen. Maar in de Islamitische Staat in Al Madina konden de moslims eindelijk in pure ‘ibaada van Allah (swt) leven.

En het is daarom ook dat de Sahaba de dood van Profeet Mohammed (saw) zich eerst bezighielden met het aanstellen van een Khalifa, een opvolger van de Profeet (saw) in het regeren over de mensen. En pas daarna zich bezighielden met het begraven van Profeet Mohammed (saw), waarbij Khalifa Aboe bakr (saw) degene zou zijn die de uiteindelijke beslissing nam over waar precies de profeet (saw) te begraven. De Sahaba kozen voor deze ordening van prioriteiten omdat zij zich realiseerden dat het noodzakelijk is om over de mensen te regeren volgens de Wet van Allah (swt), omdat er anders geen pure ‘ibaada - de complete onderwerping aan Allah (swt) - kan zijn. Daarom verkozen zij de beste vanonder hun midden, Aboe Bakr (ra), als allereerste Khalifa, en gaven zij hem de eed van gehoorzaamheid en trouw onder voorwaarde dat hij (ra) over hen de Wet van Islam ten uitvoer zou brengen.

De moslims die deze geschiedenis overdenkt kan derhalve niet anders dan inzien dat van de ware ‘ibaada enkel sprake is wanneer de Wet van Allah (swt) ten uitvoer wordt gebracht over de mensen. Oftewel, dat de ware ‘ibaada, de complete onderwerping aan Allah (swt) bestaat enkel bij het bestaan van de Islamitische Staat.

< Vorige   Volgende >
 [ Arabisch ]
Ayah
"...Wij hebben u het Boek neergezonden, alles verklarend, als leiding, barmhartigheid en blijde tijding voor hen die zich onderwerpen." [zie de vertaling van de betekenissen van de Koran Al-Nahl: 89]
Hadith

Thawbaan overleverde dat de gezant (saw) heeft gezegd. "De naties staan om het punt om jullie aan te vallen net zoals hongerige een bord met eten aanvallen." Iemand vroeg de gezant: "Komt dat omdat wij in de minderheid zullen zijn gezant van Allah?" De gezant antwoordde: 'Wel nee! Jullie zullen met zijn velen zijn, Jullie zullen op uitschot van een vloeistof lijken. Allah zal de vrees uit de boezems van de ongelovigen wegnemen en Allah zal in jullie harten 'wahn' werpen.' Iemand vroeg de gezant (saw): 'en wat betekent 'wahn', gezant van Allah?' De gezant antwoordde: 'wahn' betekent: 'hechten aan het leven en verafschuwen van de dood."  (Overgeleverd door Aboe Dawoed en Ahmed.)

over hadith..