vrijdag 10 februari 2012 In de naam van Allah, De Barmhartige De Erbarmer
Home
Missie & Visie
De weg naar geloof
Verklaringen
Pamfletten
Boeken
Intellectualisme
Definities&Termen
Wetgeving
Politiek
Multimedia
Koran
Hadith
Reacties
Van de lezers
Nieuws & Commentaar
Boek
Home arrow De weg naar geloof arrow 1999 arrow Waarom gelooft men?
Waarom gelooft men? Afdrukken E-mail
dinsdag 28 december 2004

Waarom gelooft men?

Om deze vraag te kunnen beantwoorden is het van hoogst belang dat we de mens zelf definiëren, tenslotte is het fenomeen geloof een specifiek aspect van de mens.

Definitie is de beschrijving van de realiteit van iets, anders gezegd de definitie is de beschrijving van de essentie van iets. De essentie van iets is het specifieke van het feit wat alleen maar aan hem toegekend kan worden.

Bijvoorbeeld als we het water definiëren kunnen we zeggen: water is iets wat kleurloos is, echter dit is slechts een eigenschap van het water, maar niet zijn essentie. Als we zeggen dat water is opgebouwd uit waterstof- en zuurstof- atomen (H2O) hebben we de essentie van het water gedefinieerd. Als we het over de atoombinding van waterstof en zuurstof hebben weten we dat het alleen maar over water gaat, maar als we zeggen dat iets kleurloos en vloeibaar is kunnen we niet alleen maar water hieruit afleiden, omdat er andere dingen zijn die ook kleurloos en vloeibaar kunnen zijn.

Om een definitie van een feit te kunnen geven is het vanzelfsprekend dat het waarneembaar is, en omdat de mens alleen maar een oordeel kan geven aan de hand wat hij kan waarnemen. Wat de realiteit van de mens betreft, is het gedrag het enigste aspect wat voor ons waarneembaar is. Daarom is het noodzakelijk het menselijke gedrag te observeren en zodoende te definiëren.

Bij het observatie van de mens vinden we dat hij constante handelingen en acties verricht. Zoals eten, drinken, bidden, trouwen, vechten, etc. Dit is een feit wat iedereen kan waarnemen.Hierbij wakkert het vraag aan waarom de mens deze handelingen en acties verricht. Het antwoord is "vanzelfsprekend" dat de mens eet als hij honger heeft en drinkt als hij dorst heeft of vlucht wanneer hij bang is.

Maar wat is de reden dat hij bang is, honger en dorst heeft?

Wat is het drijfveer dat hem aanwakkert en hem tot acties leidt?

Het feit is dat in de aard van de mens bepaalde behoeftes bevinden die hij moet bevredigen en die van essentieel belang zijn voor het bestaan. Daarom is het geen onjuiste beredenering als we zeggen dat de mens gelijk is aan de behoeftes. Omdat de behoeftes de aard van de mens vormen kunnen we ze niet weg denken. Maar zijn de behoeftes van de mens die hij moet bevredigen allemaal van primaire niveau? Anders gezegd; moet men alle behoeftes bevredigen, en als men een behoefte niet bevredigt wat gebeurd er dan? Het antwoord luidt als volgt: niet alle behoeftes zijn van primaire niveau, en niet alle behoeftes moet men bevredigen om het bestaan te kunnen voortzetten. Dit kunnen we afleiden uit de realiteit van het leven en bestaan van de mens. We kunnen zien dat sommige behoeftes bevredigd moeten worden, zoals eten, drinken en slapen, en sommige niet bevredigd moeten worden, zoals seks, bezittingen, heiligen, etc...

Hier uit blijkt dat er twee soorten van behoeftes zijn:

1. De behoeftes die bevredigd moeten worden en bij het niet bevredigen ervan tot de dood leidt, dit noemen we organische behoeftes.

2. De behoeftes die niet bevredigd moeten worden, en bij het niet bevredigen ervan tot frustraties en stress leidt, dit noemen we instincten.

De conclusie is dat de mens een drijfveer bezit dat hem tot acties en handelingen duwt. De drijfveren kunnen zowel innerlijk als van buiten aangewakkerd worden. De behoefte aan seks wordt van buiten aangewakkerd en door inbeelding, maar de behoefte om te eten kan van buiten versterkt worden maar het is innerlijk aangewakkerd. Een van de innerlijke behoeftes is het aanbidding's instinct.

De mens voelt zich in een aantal opzichten machteloos, behoeftig, beperkt, en begrenst, waardoor hij bescherming, hulp, zekerheid zoekt om zijn machteloosheid te compenseren. Dit realiseert de mens door dingen te heiligen waarvan hij het gevoel heeft dat de dingen machtig, onbehoeftig en onbeperkt zijn. Hiermee hebben we het antwoord gegeven op de vraag; waarom een mens gelooft. Maar is de innerlijke drijfveer de enige reden om te geloven? Het antwoord is als volgt: De mens bevindt zich in het leven waar hij dingen om zich heen waarneemt waardoor hij een oordeel erover geeft.

Het oordeel dat de mens geeft over de dingen is over het bestaan, de eigenschap en essentie van iets.

Men kan het oordeel over de eigenschappen en essentie van dingen geven alleen als hij eerder oordeel heeft geven over het bestaan van iets. Bijvoorbeeld een voetafdruk in het zand is een feit dat er iets of iemand eerder is geweest.

    • Het eerste oordeel dat een mens automatisch geeft is over het bestaan van het iets of iemand die de voetafdruk in het zand heeft achtergelaten.
    • Het tweede oordeel dat een mens geeft is aan de hand van zijn voorkennis over het voetspoor, is het van een mens of dier? Het oordeel dat hij geeft is over de essentie van het iets of iemand.
    • Het derde oordeel is over de eigenschappen van iemand of iets die de voetsporen heeft achtergelaten, van welke ras is hij, huidskleur, kleur haar, lengte, omvang. etc...

"En volgt niet datgene waarvan gij geen kennis bezit. Voorwaar, het oor, oog en het hart - al deze zullen worden ondervraagd." (Zie vertaling v.d. betekennissen v.d. Koran; soerat Al-Israa, 36)

De reden tot geloof zijn de antwoorden op de vragen die ontstaan bij de waarnemen van het feit. Wanneer de mens het feit waarneemt geeft hij een oordeel over het bestaan en zoekt naar de reden van het bestaan. Anders gezegd zijn de dingen die bestaan uit zichzelf ontstaan of niet? Deze vraag leidt het zoeken naar de Schepper. Het antwoord vormt het geloof.

Opmerking: Het kan zijn dat iemand weigert te accepteren om de vraag "bestaan de dingen uit zichzelf of niet?" te stellen. Deze weigering is pure hoogmoed, omdat de mens zich altijd over de oorzaak van het bestaan van dingen afvraagt. Een simpel voorbeeld is wanneer ik een nieuwe kast in de kamer van een vriend plaats als hij niet thuis is, op het moment dat hij de kamer binnen komt zal hij zich afvragen waar de kast vandaan is gekomen en wie het neer heeft gelegd.

 

< Vorige   Volgende >
 [ Arabisch ]