|
Inleiding
Om te kunnen oordelen is een maatstaf nodig op basis waarvan de
beoordeling plaats zal kunnen vinden. Voor wat betreft de beoordeling van een
economisch systeem kan gezegd worden dat de beoordeling op basis van ten minste
drie perspectieven plaats moet vinden. De eerste van deze is "groei", waarbij
de vraag is: "Stelt het systeem de economie in staat om zich te ontwikkelen,
zodat de welvaart gecreëerd kan worden die noodzakelijk is om voor alle mensen
de bevrediging van de behoefte aan voeding, kleding en onderdak te kunnen
garanderen, en zodat de mensen hierna op zoek kunnen gaan naar bevrediging van
hun behoefte aan luxe?". Het tweede perspectief is "welzijn". Welzijn is
gerelateerd aan welvaart, maar het is van een hogere orde dan welvaart.
Welvaart betreft de samenleving, namelijk, terwijl welzijn het individu
betreft. En welvaart betreft enkel de materiële rijkdommen, terwijl welzijn ook
rekening houdt met niet-materiële indicatoren zoals de eerbiedwaardigheid van
het bestaan. Bij welzijn als maatstaf kijkt men dus naar de verdeling van de
welvaart in de samenleving en naar de eerbiedwaardigheid van het bestaan in
deze samenleving. Bij "welzijn" zijn de vragen dus: "Zijn al de mensen in de
samenleving in staat hun behoefte aan voeding, kleding en onderdak te
bevredigen, of niet?" en "Komen de mensen op respectabele wijze tot bevrediging
van hun behoefte aan voeding, kleding en onderdak, of moeten zij zich hiervoor
verlagen ten overstaan van andere mensen, en zich onderwerpen aan andere
mensen?". Het derde en laatste perspectief is "duurzaamheid". Want groei is
waardeloos als het resultaat hiervan niet behouden kan worden, en van echt
welzijn is geen sprake als de mensen slechts tijdelijk delen in de welvaart en
slechts tijdelijk eerbiedwaardigheid van bestaan kennen.
Omdat het economisch systeem van Islam op dit moment nergens in de
wereld in de praktijk wordt gebracht, en dus enkel in boeken bestaat, is het
moeilijker om dit systeem te beoordelen uitgaande van deze drie perspectieven. Dit
probleem wordt vergroot door de trieste realiteit dat betreffende Islam het
westen enkel de geschiedschrijving van de oriëntalisten als argument accepteert.
Dit betekent namelijk dat enkel de geschiedschrijving van degenen die vanuit
religieus of politiek vooringenomenheid schrijven geaccepteerd wordt [1], terwijl
de geschiedschrijving van de mensen die het economisch systeem van Islam
werkelijk geleefd hebben verworpen wordt. En dit betekent ook dat aan de
onjuiste methode voor geschiedschrijving de voorkeur gegeven wordt boven de
juiste methode. Want de westerse methode van geschiedschrijving is gebaseerd op
onderzoek naar wat gezegd en geschreven is, waarbij het onderzoek naar de
betrouwbaarheid van de keten van overlevering grotendeels genegeerd wordt.
Terwijl de moslims het onderzoek naar wat gezegd en geschreven is altijd plaats
hebben laten vinden tezamen met het onderzoek naar de betrouwbaarheid van de
keten van overlevering [2].
Onmogelijk is het niet, echter, om in afwezigheid van praktische
implementatie van het economisch systeem van Islam en zonder gebruik te maken
van op geschiedschrijving gebaseerde argumenten dit systeem te toetsen op basis
van "groei", "welzijn" en "duurzaamheid". Men kan dit doen, namelijk, door de
fundamenten van Islamitische economie te behandelen in relatie tot deze drie
perspectieven. Met andere woorden, door te onderzoeken hoe het economisch
systeem van Islam in de praktijk zal werken.
Islam en economische groei
Ontwikkeling van de economie resulteert daar waar de menselijke
creativiteit de mogelijkheid wordt gegeven om zich te ontplooien. Voor de
ontplooiing van de menselijke creativiteit is een belangrijke vereiste het
samenbrengen van deze creativiteit met het kapitaal. Want zonder kapitaal
bestaat creativiteit enkel in de hoofden en wordt er in de praktijk geen
gebruik van gemaakt. In het economisch systeem van kapitalisme zijn het de
banken die creativiteit en kapitaal samenbrengen. Het kapitaal wendt zich tot
de bank op zoek naar investeringsmogelijkheden, en de creativiteit wendt zich
met een "business plan" tot de bank voor financiering. De bank speelt dan de
rol van verdeler van het kapitaal. Namens de eigenaren van het kapitaal bepaalt
zij aan wie precies het kapitaal in de vorm van rentedragende leningen
uitgegeven wordt. Zo brengt het kapitalisme de creativiteit met het kapitaal
tezamen, waardoor de creativiteit in de praktijk benut kan worden middels
nieuwe ondernemingen of nieuwe economische activiteiten. De beloning die het
kapitaal hiervoor ontvang is rente over de lening.
Er zijn verschillende manieren waarop Islam creativiteit en kapitaal
samenbrengt. Omdat dit ten voordele is voor de samenleving moet de Islamitische
Staat middelen beschikbaar maken voor de creativiteit. Dus de persoon met een
goed idee maar zonder kapitaal mag aankloppen bij de Islamitische Staat en
vragen om een renteloze lening ter financiering van de tenuitvoerbrenging van
zijn idee. Een andere manier waarop Islam creativiteit en kapitaal samen brengt
is middels de Islamitische ondernemingsvormen. In de vennootschapsvorm Al
‘Inaan brengen twee partijen kapitaal tezamen op basis van een idee voor handel
of industrie, en delen vervolgens de arbeid die noodzakelijk is om in de
praktijk gebruik te maken van het idee. Dit is een manier om het kapitaal
bijeen te brengen dat nodig is voor de praktische tenuitvoerbrenging van een
idee, door kapitaalkrachtigen samen te brengen op basis van het idee. In de
vennootschapsvorm Al Moedharaba wordt een persoon met creativiteit tezamen
gebracht met een persoon met kapitaal. In Al Moedharaba, met andere woorden,
worden creativiteit en kapitaal partners. Het kapitaal financiert de
gebruikmaking van de creativiteit. Het verschil tussen Al Moedharaba en de
vennootschapsvorm Al Woedjoe is dat in Al Woedjoe één partner op basis van een
idee voor handel of industrie kapitaal ter beschikking stelt aan twee of meer
partners die de arbeid voor de vennootschap zullen verrichten. Een verder
mogelijk verschil tussen Al Moedharaba en Al Woedjoe is dat in Al Woedjoe het
kapitaal kan bestaan uit reputatie, zoals wanneer twee mensen met creativiteit
gebruik maken van de reputatie van een derde persoon om op krediet te kunnen
aankopen. Als dat mogelijk is dan is geen startkapitaal nodig. Wat noodzakelijk
is om de onderneming te beginnen kan dan geleend worden, en afbetaald worden
uit de omzet die resulteert uit de economische activiteit. Het kapitaal komt
hier dus in de vorm van reputatie. In de vennootschapsvorm Al Moefawadha, ten
slotte, worden de karakteristieken van al de voorgaande vennootschapsvormen
gemengd. Bijvoorbeeld, drie partners brengen kapitaal tezamen op basis van een
idee voor handel of industrie, maar twee van de drie partners brengen tezamen
met hun kapitaal tevens arbeid in. Of creativiteit wordt tezamen gebracht met
kapitaal en reputatie.
Voor al de Islamitische ondernemingsvormen geldt dat de winsten uit de
op het idee gebaseerde activiteit verdeeld worden tussen de deelnemende partijen,
op basis van de afspraak die zij hierover gemaakt hebben bij aanvang van de
onderneming. Verliezen, daarentegen, komen volledig voor rekening van het
kapitaal. Degene die enkel arbeid inbrengt in de onderneming loopt bij verlies de
beloning voor zijn inspanning mis. Dit betekent dat in de Islamitische
ondernemingsvormen het kapitaal deelt in zowel winst als verlies. In de
Islamitische ondernemingsvormen is het risico voor het kapitaal dus groter dan
in kapitalisme, omdat in kapitalisme de verschaffer van het kapitaal (bijna)
altijd zijn rente krijgt. Want zelfs indien de economische activiteit niet
winstgevend is, dan nog zal de kapitalistische onderneming de verschuldigde
rente moeten betalen aan de verschaffers van het kapitaal. Dat het kapitaal in
het economisch systeem van Islam desalniettemin toch zal kiezen voor deelname
in ondernemingen, en niet voor de uitgifte van rentedragende leningen, is omdat
in Islam rente verboden is. Het is het kapitaal dus simpelweg verboden om
zichzelf middels rentedragende leningen beschikbaar te stellen aan
creativiteit. Verder heeft het economisch systeem van Islam verschillende eigenschappen
die voorkomen dat de plicht op het kapitaal om de winst te delen met de
creativiteit en het verlies volledig te dragen, het kapitaal er van zal
weerhouden om zichzelf beschikbaar te maken voor de creativiteit. Allereerst
zorgt de zakaat hiervoor. De zakaat is namelijk een jaarlijkse heffing
van 2,5% over de rijkdom die niet benut wordt. Dit betekent dat indien het
kapitaal niet ter beschikking van de creativiteit gesteld wordt middels de
Islamitische ondernemingsvormen, dan zal er jaarlijks een heffing van 2,5% over
betaald moeten worden. Daarentegen, indien het kapitaal wel ter beschikking van
de creativiteit gesteld wordt, dan wordt het benut en is de eigenaar van het
kapitaal geen jaarlijkse zakaat verschuldigd. Met andere woorden, het feit dat
Islam "belasting" heft op de rijkdom die niet benut wordt motiveert het
kapitaal om zichzelf ter beschikking te stellen van de creativiteit. Omdat het
anders door de tijd opgegeten zal worden. Hiernaast heeft Islam het oppotten
van geld verboden verklaard. En de straf voor oppotten van geld is confiscatie
van dit geld door de Islamitische Staat. Men mag wel sparen in Islam, wat
betekent dat men geld opzij zet met het doel op een later moment een besteding
te doen die in het huidige moment niet betaald kan worden. Maar men mag niet
oppotten, en oppotten is het opzij zetten van geld zonder bestedingsdoel. Het
is het hamsteren van geld in de hoop er zoveel mogelijk van te kunnen
verzamelen. Ook dit verbod op het oppotten van geld motiveert het kapitaal om
op zoek te gaan naar creativiteit waaraan het zich zou kunnen verbinden, omdat
het anders door de Islamitische Staat afgenomen zal worden.
De Islamitische wetgeving betreffende het braakliggende land en de
landbouwgrond heeft eenzelfde effect. In Islam is het braakliggende land voor
degene die het omheind. Dus wie zijn arbeid productief wil laten zijn door boer
te worden, die hoeft enkel een stuk braakliggend land te omheinen. Daarna is
het van hem, mag hij het bewerken en is de oogst van hem. Wie braakliggend land
of landbouwgrond in zijn bezit heeft maar dit niet bewerkt, die verliest naar
drie jaren zijn eigendomsrecht. Het land gaat dan over op iemand die wel over
de tijd en de creativiteit beschikt om de grond te bewerken en productief te
laten zijn.
Het economisch systeem van Islam motiveert het kapitaal dus op
verschillende manieren om zich ter beschikking te stellen aan de creativiteit.
En het stelt het kapitaal in staat om dit eenvoudig en op verschillende
manieren te doen. Zo zorgt Islam ervoor dat het kapitaal productief benut wordt,
waardoor het direct van waarde zal zijn voor de bezitter ervan en indirect van
waarde voor gans de samenleving.
Islam en welzijn
Wat deze wetgeving die kapitaal en creativiteit tezamen brengt tegelijkertijd
realiseert, is circulatie van de welvaart door de samenleving. In een systeem
zoals dat van kapitalisme, waar het kapitaal zich enkel middels rentedragende
leningen ter beschikking stelt aan de creativiteit, daar stroomt al het geld in
de richting van de eigenaren van het kapitaal. In dit systeem moet namelijk
iedere euro of dollar in omloop terugbetaald worden aan de verschaffers van de
munt, met rente. Dit is de basis. Bovendien, in kapitalisme moeten ook de
verliezen gedragen worden door de creativiteit. De rente moet immers altijd
betaald worden, bij winst of verlies. En hier bovenop komt het feit dat bij
mislukking van economische activiteit de verschaffers van het kapitaal vooraan
in de rij worden geplaatst bij de liquidatie van een onderneming. In
kapitalisme zijn de verschaffers van het kapitaal namelijk de aller eersten die
aanspraak kunnen maken op het geld dat nog uit een failliete onderneming
geperst kan worden. Enkel als nog iets over blijft nadat zij alles
teruggekregen hebben, komen de andere schuldeisers aan de beurt. Dergelijke
wetten en praktijken laten zie dat in kapitalisme de lusten voor het kapitaal
zijn en de lasten voor de creativiteit. Wat enkel tot stand kan zijn gebracht
door creativiteit afhankelijk te maken van het kapitaal.
In Islam is dit anders. In Islam heeft het kapitaal de creativiteit
even hard nodig als de creativiteit het kapitaal nodig heeft. Het kapitaal
heeft creativiteit nodig omdat het anders door de zakaat opgegeten zal worden
en zal verdwijnen. En het kapitaal heeft creativiteit nodig omdat het verboden
is om het kapitaal niet te benutten. Bij het niet benutten van kapitaal zoals
geld of landbouwgrond wordt het de eigenaar immers afgenomen. Zo zorgt Islam
ervoor dat het kapitaal niet haar wil kan opleggen aan de creativiteit, maar
dat zij op basis van gelijkheid tezamen komen. Dit zal zich vervolgens uiten in
de afspraken die worden gemaakt tussen het kapitaal en de creativiteit
betreffende de winsten en de verliezen van de onderneming. Omdat kapitaal en
creativiteit als gelijken de onderneming binnen treden zal de verdeling van de
winst veel meer rechtvaardig zijn dan in kapitalisme, waar de creativiteit
volledig afhankelijk is van het kapitaal en het kapitaal volledig onafhankelijk
is van de creativiteit.
Hiernaast zegt de wet in Islam dat verliezen volledig gedragen moet
worden door het kapitaal. De creativiteit verliest bij verliezen enkel haar
arbeid en inspanning. Zo worden de lusten en lasten die horen bij ondernemen op
de enige juiste manier gedeeld door kapitaal en creativiteit. Want het kapitaal
bestaat wanneer er na de essentiële uitgaven aan voeding, kleding en onderdak
middelen over zijn gebleven. Dit betekent dat het kapitaal per definitie in
staat is verliezen te dragen, zonder dat dit ten koste gaat van bevrediging van
de behoefte aan voeding, kleding en onderdak. Daarentegen, wanneer creativiteit
kapitaal nodig heeft dan betekent dit dat de creativiteit na de essentiële
uitgaven aan voeding, kleding en onderdak geen of niet voldoende middelen over
had. Dus de creativiteit die kapitaal nodig heeft is per definitie niet in
staat om verliezen te dragen, zonder dat dit ten koste gaat van bevrediging van
de behoefte aan voeding, kleding en onderdak. Daarom is het rechtvaardig om
kapitaal en creativiteit te laten delen in de winsten, maar om het kapitaal de
verliezen te laten dragen.
De Islamitische wetgeving betreffende braakliggende grond en
landbouwgrond zorgt er tevens voor dat de welvaart door de samenleving circuleert.
Beiden kunnen ten gevolge van de Islamitische wetgeving namelijk niet
geconcentreerd worden in de handen van slechts enkelen. Braakliggende grond en
landbouwgrond moeten immers benut worden, anders wordt het eigendom afgenomen.
Zo wordt het maximale bezit van een individu praktisch beperkt, alhoewel bezit
van zichzelf geen praktische beperkingen kent, omdat de hoeveelheid grond die
men kan bewerken of wiens bewerking men kan organiseren, beperkt is. En door
deze praktische beperking van het grondbezit zal iedereen die dit wil een stuk
grond voor zichzelf kunnen bezitten om het te bebouwen of te beplanten. Waardoor
iedereen in staat gesteld wordt ten minste zijn behoefte aan voeding, kleding
en onderdak te bevredigen. Islam staat het de landeigenaar wel toe om de grond
te laten bewerken door iemand anders. Dit heet moesaqat. Echter, de
Islamitische wet stipuleert omtrent moesaqat dat de oogst gedeeld moet worden
tussen landeigenaar en arbeider. Waardoor uitbuiting van de landarbeiderdoor de
landeigenaar onmogelijk wordt gemaakt. De landarbeider is in het economisch
systeem van Islam ook niet afhankelijk van de landeigenaar, omdat hij heel
eenvoudig een stuk grond voor zichzelf in bezit kan krijgen. Dit betekent dat ook
voor wat betreft landbouwgrond Islam de afhankelijk van de arbeid van het
kapitaal beëindigt. In Islam worden zij elkanders gelijke, die beiden elkaar
nodig hebben. De landarbeider heeft land nodig om zijn arbeid van waarde te
kunnen laten zijn, en de landeigenaar heeft arbeid nodig om zijn bezit te
kunnen houden. Deze wetgeving zorgt ervoor dat grond altijd productief benut
wordt, en dat het voordeel in bezit van grond gedeeld wordt door al de mensen
en niet slechts enkelen.
Een verdere wet met invloed op de circulatie van de welvaart, die
ervoor zorgt dat al de mensen in de samenleving zullen kunnen genieten van de
welvaart in de samenleving, is de Islamitische wetgeving betreffende bezit.
Door de opdeling van bezit in privaat bezit en publiek bezit wordt er ondermeer
voor gezorgd dat de schatten van natuurlijke mineralen in de aardbodem ten
goede komen aan al de mensen onder wiens voeten zij zich bevinden, en niet
slechts aan een enkeling van onder hen. Bovendien, door deze wetgeving wordt
voorkomen dat de zaken waar de samenleving afhankelijk van is, zoals de
watervoorziening, rivieren en kanalen, in het bezit komen van een enkeling. Dit
is namelijk een groot kwaad voor wat betreft de verdeling van de welvaart n de
samenleving. Want als een individu iets bezit waar al de mensen afhankelijk van
zijn, dan kan hij deze afhankelijkheid bij de mensen uitbuiten en al het bezit
in de samenleving langzaam maar zeker in zijn richting doen laten bewegen.
Daarom ook zijn in Islam alle vormen van monopolie verboden. Zowel de
monopolies die resulteren uit afspraken tussen producenten, als de monopolies
die resulteren uit afspraken tussen producenten en de staat, als monopolies die
resulteren uit de realiteit van het bestaan. Want het doel van monopolies is om
relaties van afhankelijk tot bestaan brengen tussen mensen, om vervolgens
misbruik te kunnen maken van deze afhankelijk. In het economisch systeem van
Islam moet er concurrentie zijn, en afspraken om concurrentie te beperken zijn
een misdaad en verboden. En waar de realiteit van het bestaan concurrentie
voorkomt, zoals in het geval transportwegen, daar heeft Islam het feit tot
publiek bezit gemaakt. Om relaties van afhankelijkheid en misbruik maken van
relaties van afhankelijkheid te voorkomen. En om te garanderen dat ieder mens
in staat is gebruik te maken van het feit.
De laatste reden dat Islam verdeling van de welvaart over al de mensen
in de samenleving zal realiseren, ten slotte, is het feit dat in Islam
circulatie van de welvaart over alle mensen in de samenleving een doel op zich
is. Al het voorgaande toont aan dat de wet van Islam concentratie van welvaart
in de handen van enkelen effectief verbiedt, door dit onmogelijk te maken.
Hiernaast verbiedt Islam tevens circulatie van de welvaart onder enkel de rijken.
Kapitalisme, daarentegen, kent niet eens interesse in de verdeling van de
welvaart. Laat staan, derhalve, in de circulatie van de welvaart. Dit is waarom
Islam er wel voor zorgt dat de welvaart door de samenleving circuleert en al de
mensen bereikt, waardoor al de mensen in staat worden gesteld om ten minste hun
behoefte aan voeding, kleding en onderdak te bevredigen, en om hierna op zoek
te gaan naar bevrediging van de behoefte aan luxe. Terwijl kapitalisme hierin
hopeloos is gefaald.
En hierbij één van de mooiste eigenschappen van het economisch systeem
van Islam dat het voorkomt dat relaties van bestaansafhankelijkheid ontstaan tussen
de mensen. Waar in kapitalisme men juist probeert deze relaties te creëren,
omdat relaties van bestaansafhankelijkheid de onafhankelijke in staat stelt
zich het bezit van de afhankelijken toe te eigenen. Door een einde te maken aan
de vorm van uitbuiting stelt Islam ieder mens in staat om een menswaardig
bestaan te leiden, waarin hij zich niet zal hoeven buigen voor andere mensen in
de hoop een stuk brood en wat te water te zullen krijgen.
Islam en duurzaamheid
Duurzaamheid kent twee voorwaarden. De eerste en meest belangrijke is
de verdeling van de welvaart over de samenleving. Wanneer deze geconcentreerd
is in de handen van slechts enkelen, en de meerderheid van mensen niet bereikt,
dan is van een duurzaam systeem geen sprake. Dan, namelijk, zal er een moment
komen waarop de massa in opstand komt, hardhandig de elite opzij zet en een
ander economisch systeem implementeert. De geschiedenis is het bewijs hiervoor.
Hier is het probleem voor kapitalisme dat het mogelijk wel economische
ontwikkeling doet realiseren, maar geen correcte verdeling van de ontwikkelde
welvaart tot stand brengt. Daarom moet het economisch systeem van kapitalisme
gebruik maken van dwang en misleiding om zichzelf geaccepteerd te krijgen door
de mensen. Het moet de mensen misleiden door hen te laten denken dat welvaart
geconcentreerd in handen van de elite uiteindelijke naar beneden zal druppelen tot
in de handelen van de massa, en dat iedereen rijk kan worden als hij maar niet
ongehoorzaam is aan het systeem en hard werkt. Deze ideeën zijn misleiding
omdat beiden in de praktijk niet waargenomen worden. En daarom moet kapitalisme
gebruik maken van tirannen en dictatoren om zichzelf geïmplementeerd te
krijgen, of menselijke tragedies die de aandacht van de mensen afleiden. Maar
dwang en misleiding zijn vanwege hun natuur altijd slechts tijdelijk succesvol.
De tweede voorwaarde voor duurzaamheid is dat economische ontwikkeling
en de verdeling van de welvaart over al de mensen in de samenleving echt zijn,
en niet kunstmatig. Dat wil zeggen, de economische ontwikkeling en de verdeling
van de welvaart moeten resulteren uit het systeem. Ze moeten niet tot stand
worden gebracht middels kunst en vliegwerk of middels maatregelen die feitelijk
ingaan tegen het systeem.
Kapitalisme heeft de voorbije twee decennia enkel economische
ontwikkeling kunnen realiseren door alsmaar meer schuld uit te geven. Door over
de mensen bergen geld uit te strooien zodat ze maar zouden kopen, kopen en nog
eens kopen. Dat is een vorm van kunst en vliegwerk om economisch ontwikkeling
tot stand te brengen. Dan is het valse, niet reële economische groei die
resulteert, die niet gehandhaafd kan worden. En dit is waarom kapitalisme nu in
de kredietcrisis is aanbeland die haar voortbestaan bedreigt. En voor wat betreft de verdeling van de
welvaart, de enige momenten waarop de landen die kapitalisme ten uitvoer brengen
in staat waren iets van een verdeling van de welvaart over de mensen in de
samenleving te realiseren, waren de momenten waarop hun overheden ingrepen in
de werking van het kapitalistische systeem en een verdeling van de welvaart
afdwongen middels wetten. Het waren de momenten waarop de landen die
kapitalisme ten uitvoer brengen deels afstand namen van het kapitalisme, met
andere woorden.
Wie het economisch systeem van Islam onderzoekt en bestudeert, die
bemerkt dat in Islam als enige de juiste methode hanteert om economische
ontwikkeling tot stand te brengen. En dat Islam als enige de juiste methode
hanteert om verdeling van de welvaart tot stand te brengen. Het economische
systeem van Islam brengt namelijk kapitaal en creativiteit tezamen zodat
economische ontwikkeling plaats kan vinden, maar op een manier waardoor het
ontstaan van relaties van afhankelijk voorkomen wordt en waardoor circulatie
van de ontwikkelde welvaart door de samenleving gegarandeerd wordt. Tot in de
handen van al de mensen. En daarom is Islam de juiste weg voorwaarts voor deze
kapitalistische wereld. Niet omdat deze kapitalistische wereld zich nu in
economische crisis bevindt, te weten de kredietcrisis. maar omdat deze
kapitalistische wereld zich feitelijk altijd in crisis heeft bevonden. Altijd
heeft een overgrote meerderheid van mensen zichzelf namelijk in armoede
teruggevonden in kapitalisme. Ten gevolge van concentratie van de welvaart bij
de elite. En altijd heeft een overgrote meerderheid van mensen effectief als
slaaf teruggevonden, volledig afhankelijkheid van de rijke elite.
[1] Zie: "De geschiedenis van de oriëntalisten, de westerse studenten van
Islam", www.expliciet.nl
[2] Zie: "Over de hadithwetenschappen", www.expliciet.nl
|