zaterdag 31 juli 2010 In de naam van Allah, De Barmhartige De Erbarmer
Home
Missie & Visie
De weg naar geloof
Verklaringen
Pamfletten
Boeken
Intellectualisme
Definities&Termen
Wetgeving
Politiek
Multimedia
Koran
Hadith
Reacties
Van de lezers
Boek
Home
Ramadan: Het verbod op verdeeldheid bij het vasten Afdrukken E-mail
dinsdag 18 augustus 2009

Er zijn sommigen die wensen dat de moslims als allemaal kleine, afzonderlijke groepjes vasten. Zij bevestigen dat de maand Ramadan begint bij het zien van de nieuwe maan, danwel na dertig dagen van Sja'abaan indien op de achtentwintigste of negenentwintigste dag van Sja'abaan de nieuwe maan niet is gezien. Echter, zij zeggen dat de moslims dit van gebied tot gebied moeten bepalen. Oftewel, volgens hen is het zien van de nieuwe maan door een moslim niet voldoende voor al de moslims in de wereld. Volgens hen moeten de moslims in een gebied vasten wanneer zij de nieuwe maan hebben gezien, terwijl de moslims in andere gebieden moeten vasten wanneer zij de nieuwe maan hebben gezien.

In Nederland wordt deze mening ondermeer gepropageerd door de mensen die het gezicht uitmaken van de zogenoemde "poldermoskee". Één van de leiders van de poldermoskee verklaarde in een interview dat hij met de poldermoskee zijn droom probeert re realiseren, zijnde dat de moslims in Nederland ooit samen, als Nederlandse moslims (oftewel: Nederlanders eerst en dan pas moslim, in plaats van moslims in Nederland), het begin en einde van Ramadan zullen bepalen. Zonder zich iets aan te trekken van het zien van de nieuwe maan door de moslims ergens anders ter wereld.

Deze mening is volstrekt onjuist. En in deze mening schuilt een groot gevaar. Omdat het de moslims probeert op te delen in kleine en daardoor zwakke groepjes, afhankelijk van het land waar zij wonen. Alsof de Oemma van Islam niet één sterke wereldwijde Oemma behoort te zijn. En alsof de moslims niet allemaal broeders zijn.

Deze mening wordt door de aanhangers ervan op twee verschillende manieren beargumenteerd:

Het eerste argument stelt dat de bepaling van aanvang van Ramadan hetzelfde is als de bepaling van aanvang van de vijf verplichte dagelijkse gebeden. Het moment van begin en einde van ieder van de vijf verplichte dagelijkse gebeden is afhankelijk van de stand van de zon, en het precieze moment voor deze gebeden verschilt van werelddeel tot werelddeel, van land tot land, van gebied tot gebied en van streek tot streek. Bijvoorbeeld, de aanvangstijd van het dhoehr-gebed is het moment waarop de zon haar hoogste stand heeft bereikt en zich weer omlaag begint te bewegen. Dit moment vindt in Brussel op een ander moment plaats dan in Antwerpen, terwijl het weer ander is in Rotterdam, en weer anders in Amsterdam, en weer anders in Groningen. Dus iedere moslim, op iedere plaats, moet voor zijn woongebied het precieze moment van aanvang en einde van de vijf verplichte dagelijkse gebeden bepalen en zich hieraan houden, en hij kan en mag niet de tijden van een ander gebied gebruiken voor zijn salaat. Sommige mensen zeggen dat op precies dezelfde wijze iedere moslim voor zijn eigen woongebied het moment waarop Ramadan begint moet bepalen, omdat dit net zo verschilt van gebied van gebied. En zij zeggen dus dat de moslims in een gebied moeten vasten wanneer zij de nieuwe maan hebben gezien, en dat de moslims in andere gebieden moeten vasten wanneer zij de nieuwe maan hebben gezien.

Wij zeggen: Voor wat betreft het moment waarop in de dag het vasten begint, alsmede het moment waarop in de dag het vasten eindigt, Allah (swt) zegt hierover:

"En eet en drink totdat de witte draad van de ochtend verschijnt, onderscheidbaar van de zwarte draad (van de nacht). Vast dan totdat de nacht invalt." (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Baqara 2, vers 187)

Deze momenten stemmen overeen met enerzijds het begin van het ochtendgebed, zijnde "(het moment waarop) de witte draad van de ochtend verschijnt, onderscheidbaar van de zwarte draad (van de nacht)"; en anderzjds het begin van het avondgebed, zijnde "(het moment waarop) de nacht invalt". En net zoals het precieze moment van begin van het ochtendgebed en avondgebed van gebied tot gebied anders is, is ook het begin en einde van het vasten in de dag van gebied tot gebied anders.

Echter, het begin van de vastenmaand is een ander onderwerp dan het begin van het vasten in de dag. Het onderwerp "het begin van de vastenmaand" wordt behandeld door de ahadieth van de Boodschapper van Allah (saw) die al eerder behandeld zijn, zoals:

"De maand bestaat uit negenentwintig nachten, dus vast niet totdat jullie het (de nieuwe maan van Ramadan) gezien hebben. En als het bewolkt is, maak het (de maand) dan vol als dertig dagen." (Boechari)

"De maand Ramadan kan bestaan uit negenentwintig dagen. Dus vast niet totdat jullie het (de nieuwe maan van Ramadan) gezien hebben, en breek het vasten niet totdat jullie het (de nieuwe maan van Sjawal) gezien hebben. En als de lucht bewolkt is, maak dan de dertig dagen vol."

"Vast niet totdat jullie de nieuwe maan (van Ramadan) zien, en verbreek het vasten (van Ramadan) niet totdat jullie deze (de nieuwe maan van Sjawal) zien. En als het bewolkt is, maak het dan (de dertig dagen) vol." (Boechari, Moeslim)

En het enige dat uit de Arabische taal in deze ahadieth begrepen kan worden is dat het zien van de nieuwe maan door een moslim, waar ook ter wereld, het verplicht maakt voor alle moslims op aarde, waar ook ter wereld, om te beginnen met vasten. Het argument dat de bepaling van het begin van Ramadan gelijk is aan de bepaling van het begin van de vijf verplichte dagelijkse gebeden is derhalve niet acceptabel. Want omdat Allah (swt) de kwestie van bepaling van het begin van Ramadan afzonderlijk behandeld heeft mag men deze kwestie niet gelijkstellen aan een andere kwestie (het begin van de vijf verplichte dagelijkse gebeden), om dan het oordeel uit de andere kwestie toe te passen op de kwestie bepaling van het begin van Ramadan. Het oordeel in de kwestie begin van Ramadan moet gehaald worden uit de openbaringen die hierover spreken, en dezen vallen op slechts één enkel wijze te begrijpen: vast allen tezamen als iemand onder jullie de nieuwe maan van Ramadan heeft gezien.

Het tweede argument dat aangedragen wordt ter ondersteuning van het idee dat de moslims in een gebied moeten vasten wanneer zij de nieuwe maan hebben gezien, en dat de moslims in andere gebieden moeten vasten wanneer zij de nieuwe maan hebben gezien, is een overlevering uit Sahieh Moeslim van Koerayb, die overgeleverd heeft dat Oemm al Fadhl bint oel Harith hem naar Moe'awiya stuurde in Asj Sjaam. Hij zei: "Ik kwam aan in Asj Sjaam en deed zaken voor haar (Oemm al Fadhl bint oel Harith). Het was daar in Asj Sjaam dat de maand Ramadan begon. Ik zag de maan van Ramadan op vrijdag. Toe kwam ik terug in Al Madina aan het einde van de maand. ‘Abdoellah ibn Abbaas (ra) vroeg me betreffende de nieuwe maan van Ramadan en zei: ‘Wanneer heb je deze gezien?'. Ik zei: ‘We zagen het op de avond van vrijdag'. Hij zei: ‘Heb je deze zelf gezien?'. Ik zei: ‘Ja, en de mensen zagen het en begonnen te vasten en Moe'awiyya begon te vasten'. Daarop zei hij (‘Abdoellah): ‘Maar wij zagen het op zaterdagavond. Sommigen zullen doorgaan met vasten voor dertig dagen, of totdat we de nieuwe maan van Sjawwal zien'. Ik zei: ‘Is het zien van de maan door Moe'awiyya niet voldoende voor jou?'. Hij zei: ‘Nee, dit is wat de Boodschapper van Allah (saw) ons opgedragen heeft'."

De mensen die zeggen dat de moslims in een gebied moeten vasten wanneer zij de nieuwe maan hebben gezien, en dat de moslims in andere gebieden moeten vasten wanneer zij de nieuwe maan hebben gezien, stellen dat deze overlevering aangeeft dat Ibn Abbaas (ra) van de Boodschapper van Allah (swt) heeft geleerd dat de mensen in een gebied niet verplicht zijn om te vasten na het zien van de nieuwe maan door de mensen in een ander gebied. Sterker nog, zij zeggen dat deze hadieth de opdracht uit de eerder genoemde ahadieth, die de moslims verplichten allen tezamen te vasten als iemand van hen de nieuwe maan heeft gezien, verder uitlegt en specifiek voor een groep mensen maakt. Zij zeggen dat ter oplossing van de kwestie van bepaling van het begin van de maand Ramadan, deze overlevering van Ibn ‘Abbaas (ra) tezamen met de ahadieth van de Boodschapper van Allah (saw) beschouwd moet worden. En dat dan blijkt dat het zien van de nieuwe maan door een moslim enkel voldoende is voor de moslims in dat gebied, maar niet voor de moslims in andere gebieden.

Wij zeggen: De overlevering door Koerayb in Sahieh Moeslim is niet een overlevering van de Boodschapper van Allah (saw), maar een overlevering van de isjtihaad van een sahaba. En dit is iets geheel anders dan een overlevering van de Boodschapper van Allah (saw). Het bewijs hiervoor is het feit dat Ibn ‘Abaas (ra) zegt "dit is wat de Boodschapper van Allah (saw) ons opgedragen heeft". Hij (ra) zegt nadrukkelijk niet "dit is wat de Boodschapper van Allah (saw) ons gezegd heeft" of "dit is wat de Boodschapper van Allah (saw) ons geleerd heeft". Deze laatste twee zijn vormen van uitdrukking die aangeven dat overgeleverd wordt van de Boodschapper van Allah (saw). De vorm van utdrukking die Ibn ‘Abbaas (ra) hanteert, daarentegen, is een vorm van uitdrukking die aangeeft dat niet van de Boodschapper van Allah (saw) overgeleverd wordt, maar dat Ibn ‘Abbaas (ra) zijn begrip van hetgeen de Boodschapper van Allah (saw) gezegd heeft overlevert.

En het principe dat al de rechtsgeleerden hebben aangenomen, zonder uitzondering, is dat een overlevering van de woorden of de handeling of de stilzwijgende toestemming van de Boodschapper van Allah (saw) niet ontkracht worden door de mening van een sahaba (ra). Dus wanneer een overlevering afkomstig van de Boodschapper van Allah (saw) door de mening van een sahaba tegengesproken wordt, dan wordt vastgehouden aan de overlevering afkomstig van de Boodschapper van Allah (saw) en dan wordt de mening van de sahaba verlaten.

In de kwestie van bepaling van het begin van Ramadan kan de overlevering door Koerayb van de mening van Ibn ‘Abbaas (ra) dus niet als bewijs gebruikt worden, omdat er overleveringen van de woorden en de handeling van de Boodschapper van Allah (saw) zijn die deze kwestie bespreken. Deze woorden zijn ondermeer:

"Vast niet totdat jullie de nieuwe maan (van Ramadan) zien, en verbreek het vasten (van Ramadan) niet totdat jullie deze (de nieuwe maan van Sjawal) zien. En als het bewolkt is, maak het dan (de dertig dagen) vol." (Boechari, Moeslim)

En deze handeling is: "De moslims waren nog niet begonnen met vasten omdat zij de (nieuwe) maan nog niet gezien hadden. Toen kwam een man uit Al Madina en zei tegen de Profeet (saw) dat hij de (nieuwe) maan had gezien. De Profeet (saw) vroeg de man of hij moslim was en de man antwoordde bevestigend. De Profeet (saw) zei toen: Allahoe Akbar (Allah is de grootste)! Één is genoeg voor al de moslims. De Profeet (saw) vastte en vroeg de mensen om te stoppen met eten het vasten te beginnen." (Aboe Dawoed)

Daarom was volgens ons ook de mening van bijvoorbeeld imaam Ibn Taymiyya: "Samenvattend, de persoon die hoort over het zien van de maan op een moment dat hij dit nog kan gebruiken voor het vasten, het beëindigen van het vasten, of om te offeren, hij moet zeker aldus doen. De teksten en de overleveringen van de salaf duiden hierop. Om dit te beperken tot een bepaald gebied of een land zou zowel het verstand als de Sjari'a tegenspreken" (Zie: Al Fatawa, boek 5, pagina 111)

< Vorige   Volgende >
 [ Arabisch ]
Ayah
"Allah verbiedt jullie niet dat jullie hen die jullie in de godsdienst niet bestrijden en jullie niet uit jullie woningen uitdrijven, liefderijk behandelen en dat jullie jegens hen rechtmatigheid betrachten. Allah bemint de rechtmatigen." [Al-Momtahanah: 8]
Hadith

Overgeleverd door Aboe Hoeraira dat de boodschapper van Allah (saw) heeft gezegd : "weten jullie wat (ghiebah) is ? zij zeiden : Allah en Zijn boodschapper weten het best. Hij (saw) zei : (Het is) wanneer je iets over je broeder zegt wat hij niet leuk vindt ? Er werd gezegd; wat denk je als wat ik over mijn broeder zeg waar is? Hij (saw) zei : als het waar is, dan roddel je over hem en als het niet waar is dan spreek je kwaad over hem dan belaster je hem." (Moslim)

over hadith..