zaterdag 11 februari 2012 In de naam van Allah, De Barmhartige De Erbarmer
Home
Missie & Visie
De weg naar geloof
Verklaringen
Pamfletten
Boeken
Intellectualisme
Definities&Termen
Wetgeving
Politiek
Multimedia
Koran
Hadith
Reacties
Van de lezers
Nieuws & Commentaar
Boek
Updates
Home arrow Intellectualisme arrow Economie arrow Een analyse van de ondergang van de DSB bank
Een analyse van de ondergang van de DSB bank Afdrukken E-mail
dinsdag 02 maart 2010

Inleiding

De ondergang van de DSB bank was, voor verschillende redenen, een bijzondere gebeurtenis. Sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog waren namelijk slechts vier andere banken in Nederland failliet gegaan. In 1966 ging het bankiershuis Teixeira de Mattos failliet. In 1981 de Amsterdam-American Bank. En in 1983 ging de Tilburgsche Hypotheekbank. In 2005 voegde Van der Hoop Bankiers zich bij dit selecte gezelschap. Deze vier eerdere bankfaillissementen waren allen relatief klein, echter. Van der Hoop Bankiers, bijvoorbeeld, beheerde ongeveer €250 miljoen. De DSB bank, daarentegen, beheerde spaartegoeden van €4,2 miljard, oftewel €4.200 miljoen. Het faillissement van de DSB bank is derhalve uniek, omdat deze het verreweg grootste bankfaillissement in de geschiedenis van Nederland is. Het uiteindelijke faillissement van de DSB bank was al te meer bijzonder omdat dit plaats gevonden heeft juist in de periode dat de Nederlandse overheid en De Nederlandse Bank (DNB) alle zeilen bijzetten en tientallen miljarden euro's beschikbaar maakten om andere Nederlandse banken voor het faillissement te behoeden.

Maar het meest bijzondere aan de hele gebeurtenis was natuurlijk de bewering van eigenaar Dirk Scheringa van de DSB bank, zijnde dat zijn bank niet werkelijk failliet was gegaan maar was "kapotgemaakt" door de Nederlandse overheid en de DNB. Om deze bewering te kunnen beoordelen op juistheid, is een analyse noodzakelijk van de gebeurtenissen die de DSB failliet hebben doen laten gaan.

 

Tijdslijn van de ondergang

Tot de 1e oktober 2009 behoorde de DSB tot de meest gezonde banken van Nederland. De bank was namelijk niet betrokken bij de investeringen in de Amerikaanse kredietmarkt waar de grote verliezen op geleden zijn die de ING bank en ABN AMRO kapot hebben gemaakt, maar hield zich in hoofdzaak bezig met het verstrekken van leningen en aan leningen gerelateerde verzekeringen, zoals koopsompolissen. Hiermee verdiende het in 2006 €28 miljoen, in 2007 €55 miljoen en in 2008 €50 miljoen. Over het eerste halfjaar van 2009 werd €18 miljoen winst gemaakt.

Waar de bank voorheen vooral als opmerkelijk succesverhaal in het nieuws komt, wordt vanaf 2009 vooral negatief over de bank bericht. De bank zou deze winstcijfers realiseren gebruik te maken van onnadenkendheid en onwetendheid bij klanten, om hen te kunnen verleiden tot het aangaan van verplichtingen groter dan ze kunnen dragen. De DSB zou dit ondermeer doen door toekomstscenario's te optimistisch voor te stellen en de risico's waarvan veel van haar producten gepaard gaan te verdoezelen. Relatief veel van DSB klanten klagen hierover en zouden op deze wijze in financiële problemen zijn gekomen. In de meeste rechtszaken die hieruit voortvloeien komt de DSB vervolgens naar voren als een bank die zich weliswaar grotendeels aan de wet houdt, maar die de grenzen van de wet steevast opzoekt en deze inderdaad af en toe overtreedt.

Wanneer verschillende van de ontevreden DSB klanten zich verenigen in twee verschillende stichtingen, de stichting Steunfonds Probleemhypotheken en de stichting Hypotheekleed, beginnen voor de DSB de problemen.

Op de 1e oktober 2009 probeerde Pieter Lakeman van de stichting Hypotheekleed zijn positie in de onderhandelingen met de DSB te versterken door in een nationaal televisieprogramma de houders van spaartegoeden bij de DSB op te roepen deze zo snel mogelijk op te nemen. Zo wil Lakeman de DSB onder druk zetten om een regeling te treffen met de ontevreden klanten die zich bij zijn stichting hebben aangesloten. Een oproep als deze is extreem gevaarlijk voor iedere bank, indien de mensen er gehoor aan geven. De reden hiervoor is dat banken de bij hen gestalde spaartegoeden nooit allemaal in kas houden. Ze proberen zoveel mogelijk hiervan uit te lenen tegen rente, en houden altijd slechts een klein deel in kas zodat als iemand zijn geld komt halen hij dit kan krijgen. Zo proberen commerciële banken zoals de DSB winst te maken. Als daarom teveel mensen op hetzelfde moment hun geld terug opeisen van de bank, dan kan deze aan dit verzoek niet voldoen. Wanneer dit gebeurd dan heet dit een "bankrun". En tenzij iemand de bank dan komt helpen, gaat deze failliet. Omdat banken een uitermate belangrijke rol spelen in het economisch systeem van kapitalisme, het geld dat zij uitlenen stelt namelijk bedrijven in staat om te investeren en privépersonen in te staat om te consumeren, wordt het gewoonlijk als een grote misdaad wordt gezien om tot een bankrun op te roepen. Omdat het faillissement van de banken de capaciteit van bedrijven en privépersonen om te lenen dus wegneemt, waardoor de economie zou ineenstorten. Centrale banken en overheden verplichten banken daarom gewoonlijk ook om tussen de 3% en 10% van de uitstaande spaartegoeden in kas te houden, zodat het risico geminimaliseerd wordt dat de bank iemand die zijn geld wil hebben niet kan betalen. Hiernaast snellen centrale banken en overheden gewoonlijk met hulp toe indien een bankrun dreigt te ontstaan tegen een specifieke bank, door de bank dan geld te lenen of door de spaartegoeden bij de betrokken bank te garanderen. Zodat de gemoederen van de mensen tot rust komen en zij hun spaartegoeden bij de bank laten in plaats van elkaar te verdringen in een poging deze op te nemen.

Desalniettemin kreeg de oproep van Lakeman voor een bankrun tegen de DSB veel media aandacht, en deden de Nederlandse overheid en de Nederlandse centrale bank de Nederlandse Bank (DNB) feitelijk niets hiertegen. Verder dan een woordelijke verwerping van de handeling van Lakeman kwamen Minister van Financiën Wouter Bos en de voorzitter van de DNB Wout Nellink niet. Ze stelden zich echter niet garant voor de spaartegoeden die mensen bij de DSB uitstaande hadden, zoals ze eerder voor de ING en ABN AMRO wel hadden gedaan toen een bankrun tegen dezen driegde. En ze boden de DSB ook geen extra leningen aan om haar te helpen een mogelijke bankrun te weerstaan.

De combinatie van media aandacht en de afwezigheid van effectief handelen door de Nederlandse overheid en de DNB resulteerde erin dat de oproep van Lakeman inderdaad een bankrun tegen de DSB veroorzaakte. Op de 1e oktober hadden de uitstaande spaartegoeden bij de DSB een waarde van omstreeks €4,2 miljard, oftewel €4.200 miljoen. Direct na de oproep van Lakeman werd hiervan €88 miljoen opgenomen. De volgende dag dinsdag 2 oktober werd nog eens €101 miljoen opgenomen. Gevolgd door €128 miljoen op woensdag 3 oktober. Hierna nam de snelheid van de bankrun tegen DSB af, maar tot en met 8 oktober bleven iedere dag significante bedragen van tientallen miljoenen euro's opgenomen worden van de spaartegoeden bij de DSB[1].

Met de stichting Steunfonds Hypotheekproblemen, daarentegen, kwam de DSB al snel tot een akkoord over hulp aan gedupeerde klanten. Onder deze overeenkomst zou de DSB een schadevergoeding betalen aan klanten die hun hoog opgelopen hypotheeklasten niet langer konden dragen, en met hen een betalingsregeling treffen. Maar toen de DSB dit akkoord op 8 oktober voorlegde aan de DNB, weigerde deze ermee akkoord te gaan. De DNB stond de DSB niet toe het akkoord met de stichting Steunfonds Hypotheekproblemen ten uitvoer te brengen. De reden die de DNB hiervoor gaf was een vrees dat een akkoord tussen de DSB en haar ontevreden klanten ook andere banken zou dwingen een akkoord te sluiten met hun ontevreden klanten, waardoor die andere banken mogelijk in de problemen zouden komen. "(De) DNB vreesde voor precedentwerking voor andere banken die ook te dure hypotheekproducten hebben verkocht, werd mij gezegd", zei woordvoerder Hendrickx van de stichting Steunfonds Hypotheekproblemen[2].

Op de 11e oktober daagde de DNB de DSB vervolgens voor het gerecht. Tussen de 1e en de 11e oktober was in totaal omstreeks 20% van de spaartegoeden bij de DSB opgenomen, ruim €620 miljoen, en de DNB wilde derhalve de controle krijgen over de DSB. Om, zo verklaarde de DNB, te voorkomen dat de DSB ten onder zou gaan. Maar de DSB verweerde zich hiertegen en zei dat zij inderdaad met een grote vraag naar geld te maken had gehad, maar dat zij nog immer in staat was aan haar verplichtingen te voldoen. De DSB beklaagde zich feitelijk tegenover de DNB omdat deze haar verboden had om geld te lenen van een speciale rekening bij de Europese Centrale Bank (ECB). Gewoonlijk mocht de DSB hier €1,8 miljard lenen, maar de DNB had dit bedrag plotseling beperkt tot €1,0 miljard. Een opmerkelijke stap door de DNB omdat centrale banken gewoonlijk middels extra leningen proberen te voorkomen dat een bank failliet gaat. In dit geval van de DSB deed de DNB dus juist het tegenovergestelde. Op het moment dat de DSB met een bankrun geconfronteerd werd, beperkte de DNB de capaciteit van de DSB om te lenen. De DNB rechtvaardigde zichzelf door te verklaren dat zij dit gedaan had uit angst dat de DSB failliet zou gaan.

De rechtbank oordeelde uiteindelijk in het voordeel van de DSB, overtuigd als zij was op dat moment dat de DSB inderdaad nog in staat was aan haar verplichtingen te voldoen[3].

Deze uitspraak door de rechter bracht de DNB ertoe om samen met de Nederlandse overheid een speciaal overleg te organiseren over de DSB. Voor dit geheime overleg werden nog vijf andere banken in Nederland uitgenodigd, te weten ING, ABN AMRO, Fortis, SNS en Rabobank, maar niet de DSB zelf. Medewerkers van het Ministerie van Financiën en de DNB lekten nieuws over dit geheime overleg echter naar de media[4]. En nadat de media over dit geheime overleg berichtten brak nieuwe paniek uit onder de rekeninghouders bij DSB. Waardoor tussen 11 en 12 oktober opnieuw een bankrun tegen de DSB op gang kwam. Ditmaal werd €44 miljoen opgenomen, en dit werd de DSB teveel. Na deze verdere bankrun was de DSB niet meer in staat om aan haar kortlopende verplichtingen te kunnen voldoen, waardoor de rechter op 12 oktober besloot om haar eerdere oordeel ongedaan te maken en de DSB onder curatele te stellen bij de DNB[5].


Uitstroom spaargeld bij DSB, in € miljoen

Image

Bron: NRC Handelsblad


De curatele bij de DNB betekende feitelijk dat een begin werd gemaakt met het failliet verklaren van de DSB. De eigenaren van de DSB probeerden dit nog te voorkomen door oplossingen te vinden voor het gebrek aan cash geld bij de bank, zoals dat was geresulteerd uit de bankrun tussen 1 en 12 oktober.

Als eerste probeerden de eigenaren van de DSB een faillissement te voorkomen door de bank te verkopen. In Nederland was geen van de banken geïnteresseerd in een overname van de DSB. Maar in het buitenland kon wel een geïnteresseerde partner gevonden worden: het Amerikaanse investeringsfonds Lone Star. De DNB stelde echter zware eisen aan Lone Star. Als Lone Star de DSB inderdaad over wilde nemen dan moest ze van de DNB direct:

1.       €300 miljoen ter beschikking stellen aan de DSB, zodat deze een voorschot zou kunnen betalen aan rekeninghouders van de DSB van maximaal euro 3000 per rekeninghouder;

2.       Nog eens €50 miljoen ter beschikking stellen aan de DSB, zodat deze haar operationele kosten zou kunnen dekken;

3.       Nog eens €5 miljard (€5.000 miljoen) ter beschikking stellen aan DSB, zodat deze zeker aan haar verplichtingen tegenover haar spaarrekeninghouders zou kunnen voldoen;

4.       Nog eens €300 miljoen ter beschikking stellen aan de DSB, zodat deze haar eigen vermogen zou kunnen versterken.[6]

Vooral eis nummer 3 wekt hierbij bevreemding, omdat er bij de DSB op dat moment nog maar €3,6 miljard (€3.600 miljoen) aan spaartegoeden uitstonden[7]. Oftewel, klanten konden nog maar maximaal €3,6 miljard (€3.600 miljoen) van de DSB eisen. Dat de DNB desalniettemin van Lone Star een garantiestelling eiste van €5 miljard (€5.000 miljoen) was excessief.

Lone Star haakte vanwege deze eisen dan ook af als geïnteresseerde partij in de DSB, waarna de eigenaren van de DSB met een nieuw reddingsplan op de proppen kwamen. Onder dit "Plan B" moesten klanten met een achtergesteld deposito hun spaargeld omzetten in aandelen van de DSB. Hierdoor zouden de schulden van de DSB bij spaarders afnemen met omstreeks €100 miljoen. DSB eigenaar Dirk Scheringa zou dan zelf zorgen voor een extra kapitaalinjectie van €140 miljoen in de DSB. De Nederlandse overheid werd gevraagd ook €100 miljoen in te brengen. Op deze manier zou de DSB weer over voldoende liquide middelen beschikken en niet meer in gevaar zijn. Maar minister Bos van het Ministerie van Financiën weigerde het voorstel omdat volgens hem de DSB een bedrijf was "dat niet levensvatbaar is"[8].

Dit was feitelijk een opmerkelijke bewering van minister Bos. De DSB bank was namelijk niet in problemen gekomen omdat het een bedrijf was wiens operaties niet levensvatbaar zijn. De DSB was niet door eigen operationeel falen in de problemen gekomen, maar door twee bankruns. Tot het moment van deze bankruns waren de activiteiten van de DSB altijd winstgevend geweest. En het feit dat de DSB in staat was om in 10 dagen tijd, tussen 1 en 11 oktober, ruim €620 miljoen bijeen te brengen, toont aan dat de bank in gezonde staat verkeerde op het moment dat de bankruns tegen haar op gang werd gezet. Dit was bijna 20% van de bij haar uitstaande tegoeden. Er is zo goed als geen bank die zoveel cash geld ter haar beschikking heeft staan. Maar de DSB had dit. Bovendien had minister Bos slechts enkele maanden eerder nog tientallen miljarden euro's beschikbaar gesteld aan andere Nederlandse banken, die wel door verkeerde bedrijfsvoering - veel te grote investeringen in de kredietmarkt in Amerika - aan de rand van de afgrond waren gekomen. Op dat moment was de "levensvatbaarheid" van de banken geen kwestie voor hem geweest. Levensvatbaar of niet, die banken wilde hij koste wat kost overeind houden.

Maar omdat de overheid dus weigerde om de DSB €100 miljoen te lenen, kon ook het zogenoemde Plan B geen doorgang vinden. De rechter verklaarde de DSB daarom op maandag 19 oktober, 2009, failliet.

 

De ondergang verklaard

In het proces van ten onder gaan van de DSB vallen een aantal momenten aan te halen die cruciaal zijn geweest. Zij zijn de redenen dat de DSB failliet is gegaan:

  1. De DNB weigerde een oplossing voor het conflict tussen DSB en sommigen van haar klanten, uit angst dat dit andere Nederlandse banken in de problemen zou brengen.
  1. Dit conflict tussen de DSB en sommigen van haar klanten bracht Pieter Lakeman ertoe op te roepen tot een bankrun tegen de DSB. Deze bankrun bewoog DSB richting de afgrond.
  1. Op het moment van de bankrun beperkte de DNB de leencapaciteit van de DSB, waardoor de DSB dichter bij de afgrond.
  1. Het Ministerie van Financiën en de DNB lekten vervolgens een geheim overleg over de DSB naar de media, waardoor een tweede bankrun werd opgewekt. Deze deed de DSB over de afgrond tuimelen.

De Nederlandse overheid en de DNB hebben dus een belangrijke rol gespeeld in de ondergang van de DSB. Zij hebben de DSB niet geholpen op het moment dat een bankrun tegen haar werd georganiseerd, en eenmaal deze bankrun op gang kwam hebben zij handelingen ondernomen die deze bankrun aanmoedigden, en die de DSB de mogelijkheid ontnamen om met de bankrun om te gaan.

 

De ondergang geanalyseerd

Er is één ding dat opvalt in al de verklaringen die zijn gedaan door de bij de ondergang van de DSB betrokken partijen. Dit is dat zij allen werkelijke oorzaken voor de ondergang negeren.

Minister Bos verklaarde bijvoorbeeld dat de DSB failliet was gegaan omdat het te weinig geld in kas had, geen mogelijkheden kende om vers kapitaal aan te trekken, en met veel claims van boze klanten kampte[9]. Dit is een misleidende opmerking omdat al de beweringen weliswaar correct zijn, maar geen van allen is de werkelijke reden dat de DSB ten onder is gegaan. Dat de DSB geen geld meer in kas had is correct, maar dit was het resultaat van de bankrun georganiseerd tegen de bank, door Pieter Lakeman en medewerkers van het ministerie van minister Bos. Dat de DSB geen mogelijkheden meer had om vers kapitaal aan te trekken is ook correct, maar dit kwam eerst en vooral doordat de DNB de mogelijkheid voor de DSB om geld te lenen ernstig beperkte door haar toegang tot de leenfaciliteit van de ECB te beperken van €1,8 miljard tot €1,0 miljard. En dat de DSB veel boze klanten kenden is ook correct, maar het was wederom de DNB die een akkoord tussen de DSB en veel van deze klanten ter oplossing van deze kwestie, torpedeerde.

Dit niet spreken over de ware oorzaken voor de ondergang van de DSB, en het verhullen van de ware oorzaken voor de ondergang van de DSB door schijnoorzaken te presenteren als verklaring voor de gebeurtenis, is een handeling die verdacht maakt. Dit zijn handelingen, namelijk, van degene die de ware oorzaken willen verhullen.

Dit doet het vermoeden rijzen dat de Nederlandse overheid en de DNB tezamen welbewust de handelingen hebben genomen die de DSB failliet hebben doen laten gaan: het niet stoppen van de bankrun, het weder opwekken van de bankrun, het beperken van de leenfaciliteit van de DSB op het moment van de bankrun, en het tegenwerken van een oplossing voor het probleem tussen de DSB en haar klanten. Motieven bij de overheid hiervoor zijn eenvoudig te vinden. De Nederlandse overheid is immers de effectieve eigenaar van ING en ABN AMRO sinds zij deze banken met tientallen miljarden heeft gesteund om hen overeind te houden. De ondergang van de DSB betekent een belangrijke concurrent minder voor deze twee banken. En ten minste een deel van de miljarden spaargeld die bij de DSB uitstonden zullen nu bij de ING en ABN AMRO zijn ondergebracht. En dan is er natuurlijk nog de kwestie van misleiding van klanten door de DSB. De DNB zelf verklaarde dat zij geen oplossing wilde voor deze kwestie om te voorkomen dat ook andere banken een akkoord met hun klanten zouden moeten sluiten. En die andere banken zouden daardoor in de problemen kunnen komen. Ondertussen is bekend geworden naar welke banken de DNB op dat moment refereerde: ING en ABN AMRO blijken van dezelfde praktijken gebruik te hebben gemaakt als de DSB[10]. De DNB, met andere woorden, probeerde ING en ABN AMRO te beschermen en wilde daarom een oplossing voor de DSB en haar klanten voorkomen.

Dit plaats in een geheel ander licht de opmerking van Pieter Lakeman, die in een radio-interview naar aanleiding van het faillissement van de DSB zei: "Ik zag vreugde in de ogen van Bos (na het faillissement van de DSB)"[11]. En het is derhalve onterecht om, zoals minister Bos deed, de opmerking "ik ben kapot gemaakt" van DSB eigenaar Dirk Scheringa af te doen als lege woorden ingegeven door teleurstelling. De feiten tonen namelijk aan dat in deze woorden een kern van waarheid schuilgaat.



[1] www.nrc.nl/economie/DSB/article2384696.ece/Klassieke_bankrun_werd_DSB_fataal

[2] www.nrc.nl/economie/DSB/article2385283.ece/Wellink_hield_akkoord_met_DSB_tegen

[3] www.zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx?snelzoeken=true&searchtype=ljn&ljn=BJ9939&u_ljn=BJ9939

[4] www.trouw.nl/nieuws/nederland/article2889652.ece/Rijksrecherche_onderzoekt_DSB-lek.html

[5] Ibidem noot 3

[6] www.zoeken.rechtspraak.nl/resultpage.aspx?snelzoeken=true&searchtype=ljn&ljn=BK0570&u_ljn=BK0570

[7] www.nrc.nl/economie/DSB/article2385380.ece/Voorlopig_bevroren_bij_DSB_3%2C6_miljard

[8] www.volkskrant.nl/economie/article1304597.ece/

[9] www.fd.nl/artikel/13404455/lakeman-missie-volbracht

[10] www.nrc.nl/economie/DSB/article2387680.ece/AFM_80_procent_provisie_is_heel_normaal

[11] www.radio1.nl/contents/9209-pieter-lakeman-ik-zag-vreugde-in-de-ogen-van-bos?autostart=10585

< Vorige   Volgende >
 [ Arabisch ]
Ayah
"Allah verbiedt jullie niet dat jullie hen die jullie in de godsdienst niet bestrijden en jullie niet uit jullie woningen uitdrijven, liefderijk behandelen en dat jullie jegens hen rechtmatigheid betrachten. Allah bemint de rechtmatigen." [Al-Momtahanah: 8]
Hadith

Aboe Oemama zei dat hij de Boodschapper van Allah (saw) heeft horen zeggen: "Leest de Koran! Want de Koran zal op de Dag van de Opstanding (Qiyamah) van voorspraak zijn voor hen die hem lezen." (overgeleverd door Moslim)

over hadith..