dinsdag 22 mei 2012 In de naam van Allah, De Barmhartige De Erbarmer
Home
Missie & Visie
De weg naar geloof
Verklaringen
Pamfletten
Boeken
Intellectualisme
Definities&Termen
Wetgeving
Politiek
Multimedia
Koran
Hadith
Reacties
Van de lezers
Nieuws & Commentaar
Boek
Updates
Home arrow Intellectualisme arrow Islam arrow Het Sociaal Systeem in Islam: deel 1
Het Sociaal Systeem in Islam: deel 1 Afdrukken E-mail
vrijdag 31 december 2004

Redactie Expliciet Magazine: In de komende uitgaven van Expliciet Magazine zullen we trachten een eind te maken aan veel van de onduidelijkheid die bestaat over het sociaal systeem in Islam. Een onduidelijkheid die, gevoed door de verschillen in ideeën die hierover bestaan onder de moslims zelf, een voedingsbodem is voor veel van de aanvallen op de ideeën van Islam in de media tegenwoordig. In dit eerste deel als introductie een begrenzing van het begrip "sociaal systeem" en een geschiedenis van het denken over het sociaal systeem in Islam. In latere uitgaven van Expliciet Magazine zullen we ingaan op de details van dit systeem.

Introductie

Vele mensen overdrijven en passen de term "sociaal systeem" toe op al de systemen van het leven. Dit is echter een onjuiste toepassing. Het is correcter om de systemen met betrekking tot het leven "maatschappelijke systemen" te noemen. Want, in werkelijkheid zijn het deze systemen die invloed hebben op de maatschappij, omdat zij de relaties ordenen die ontstaan tussen mensen die leven in een bepaalde maatschappij, ongeacht of zij samenkomen of uiteen gaan. Het gaat hierbij niet om het samenkomen, waar het om gaat zijn enkel de onderlinge relaties ('alaqat). Hiermee is duidelijk dat er grote diversiteit bestaat van systemen, als gevolg van de verschillende soorten van relaties. Deze systemen omvatten onder andere:

  • Economie,
  • Bestuur,
  • Politiek,
  • Opvoeding en onderwijs,
  • Strafrecht ('Uqubat),
  • Sociale handelingen (Mu'amalat),
  • Gerechtelijke getuigenissen (Bayyinat),
  • Enzovoort.

Het zou dus  ongepast zijn om elk van de hierboven genoemde relaties te plaatsen onder de noemer "sociaal systeem". Bovendien is het woord "sociaal" een beschrijving van een systeem. Dus het onderwerp van dit systeem zou moeten zijn de ordening van de problemen die resulteren uit de ontmoetingen tussen mensen. In werkelijkheid vergt de samenkomst van een man met een man, of de samenkomst  van een vrouw met een vrouw geen systeem, omdat er bij deze samenkomsten geen problemen ontstaan en omdat er geen relaties zullen ontstaan die behoefte hebben aan een systeem. Echter, omdat zij samenleven in een land - ook al komen zij niet samen - is er behoefte aan een systeem om hun belangen te behartigen.

Voor wat betreft de samenkomst van een man en een vrouw, en omgekeerd, hierdoor ontstaan er problemen en relaties die geordend dienen te worden door een systeem. Het past beter deze ontmoeting (ijtim'a) het sociaal systeem te noemen, want in realiteit is het dit systeem dat de ontmoeting tussen man en vrouw ordent alsmede de relaties die ontstaan als gevolg van dergelijke ontmoetingen. Dit is waarom het sociaal systeem  begrensd is tot het systeem dat de samenkomst van de vrouw met de man, en vice versa, ordent. Dus het sociaal systeem behandeld de relaties die ontstaan uit de samenkomst van de man en de vrouw, en niet de relaties die ontstaan als gevolg van hun belangen in de samenleving, en het maakt alles duidelijk dat voortkomt uit deze relatie. Ter voorbeeld, de relatie die resulteert uit handel die plaats vindt tussen mannen en vrouwen behoort tot de maatschappelijke systemen en niet tot het sociaal systeem, omdat handel betrekking heeft op het economisch systeem. Het verbod op afzondering (khalwa)van mannen tezamen met vrouwen, de voorwaarden en de bepaling van de tijd alvorens een vrouw het recht heeft een echtscheiding aan te vragen, alsook het hoederecht over het kind bij echtscheiding hebben betrekking op het sociaal systeem. Als definitie van het sociaal systeem kan men daarmee het volgende stellen:

"Het systeem dat de samenkomst van man en vrouw, en vice versa, ordent; dat de relaties ordent die uit deze ontmoeting voortvloeien; en dat al de problemen die uit deze ontmoeting ontstaan regelt."

Veel mensen, vooral de moslims, hebben een uiterst verward begrip van het sociaal systeem in Islam. Hun begrip raakte ver verwijderd van de realiteit van Islam als gevolg van hun vervreemding van de ideeën en wetten van Islam. Hierdoor ging men naar twee uitersten, het overmaatse en het ondermaatse. Volgens een groep heeft de vrouw het recht om gehuld te gaan in de kleren die zijzelf wenst en het recht in het openbaar te pronken met haar deels ontblote lichaam, evenals het recht dat zij met elke man die zij wenst samen kan komen en de relatie mee aan kan gaan die zij wil. Een andere groep van moslims beweren dat een vrouw geen handel mag drijven of niet aan landbouw mag doen, dat de vrouw in geen geval mag samenkomen met een man en dat heel haar lichaam awrah [1]is dat zij dient te bedekken, inclusief haar handen en het gezicht. Dit extremisme in ideeën leidde tot  een degeneratie van de moraal en een stagnatie van het denken (tafkeer). Het resultaat hiervan is onrust binnen de islamitische familie: overheersing van ongenoegen en ontevredenheid onder familieleden en talrijke geschillen en verdeeldheden tussen individuen.

De behoefte om de familie te verenigen en om geluk te verzekeren wordt gevoeld door alle moslims en de zoektocht naar een oplossing voor dit ernstige probleem houd de gedachten van vele mensen bezig. Verschillende pogingen van diverse groepen trachtten dergelijke oplossingen voor te stellen. Hiervoor werden vele boeken geschreven om de sociale oplossingen voor te stellen en aanpassingen werden gemaakt aan de Shari'ah wetten. Velen trachtten hun visie op hun families, hun vrouwen, zusters en dochters toe te passen. De schoolsystemen werden aangepast betreffende het mengen van jongens en meisjes. Aldus verschenen verscheidene pogingen tot oplossing van het probleem, in deze of gene gedaantes. Echter, geen van allen slaagde er in een oplossing te vinden, een systeem of een methode, om hetgeen zij als hervorming (islah) opvatten ten uitvoer te brengen. Dit was het resultaat van het feit dat de relatie tussen de seksen onduidelijk en vaag was in de hoofden van deze moslims. Zij konden niet begrijpen op welke manieren de twee geslachten met elkaar konden samenwerken, hoewel het welzijn (salah) van de Ummah uit deze samenwerking resulteert. En de moslims waren volledig onwetend over de ideeën en wetten van Islam betreffende de relaties tussen mannen en vrouwen. Door hun onwetendheid begonnen zij in plaats van de realiteit van het probleem te bestuderen, oplossingen te bespreken en te debatteren. Als gevolg hiervan dwaalden zij volledig af van de eigenlijke oorzaken van het probleem, als gevolg waarvan de onrust en verwarring in de samenleving alleen maar verder toenam. Door deze pogingen van de islamitische intellectuelen rees de bezorgdheid en de verwarring onder de moslims dat het probleem zou leiden tot afbrokkeling van de maatschappij, de Ummah, alszijnde een maatschappij met eigen specifieke karakteristieken. Er werd gevreesd dat de moslim huishoudens hun islamitische karakter zouden verliezen, dat de islamitische families de leiding van de islamitische ideeën en gedachten los zouden laten en af zouden dwalen van de islamitisch regelgeving en visie op het leven.

De oorzaak voor deze vertroebeling en afdwaling van de correcte gedachte valt te wijten aan de verpletterende aanvallen van de westerse cultuur. Doordat de westerse cultuur (hadarah) ons denken en onze smaak (dhawq) heeft gedomineerd; onze visies (mahafim) over het leven, de criteria (magayees) voor alle dingen en de rotsvaste overtuigingen (qana'at) in ons - zoals onze bezorgdheid voor Islam en de verering van de dingen die wij heilig achten - veranderde. De overwinning van de westerse cultuur over ons was alomvattend en omvatte alle aspecten van het leven, inclusief het sociaal aspect.

Dit heeft plaats gevonden omdat toen de westerse cultuur haar intrede deed in de moslim landen, velen verbijsterd naar de materiële vormen en vorderingen keken waar deze van vergezeld ging. Bijgevolg probeerden velen onder de moslims deze cultuur te adopteren omdat de materiële vormen, gerealiseerd door de aanhangers en de verdedigers van deze cultuur, als teken van vooruitgang werd gezien. Zij trachtten deze vormen en veranderingen te imiteren en probeerden deze cultuur over te nemen, zonder onderscheid te maken tussen de westerse cultuur en haar materiële vormen. Men begreep niet dat cultuur (hadarah) een reeks van opvattingen over het leven is en een specifieke manier van leven; terwijl beschaving (madaniyya) de materiële vormen of tastbare voorwerpen in het leven omvat, los van de opvattingen over het leven of de manier van leven. Men begreep ook niet dat de westerse cultuur een fundament heeft dat tegenstrijdig is aan het fundament onder de islamitische cultuur. De westerse visie op het leven en geluk (sa'ada), hetgeen een mens nastreeft te bereiken, is tegenstrijdig met de visie hierop die hoort bij de islamitische cultuur. De islamitische Ummah besefte niet dat het onacceptabel was om de westerse cultuur te accepteren. Noch begreep de Ummah dat het voor geen enkele groep binnen de Ummah mogelijk is deze cultuur te accepteren en onderdeel te blijven van de Ummah of beschreven te blijven worden als deel van de Ummah.

Hun gebrek aan kennis over het verschil tussen de islamitische cultuur en de westerse cultuur resulteerde in imitatie en acceptatie van de westerse cultuur. Vele moslims trachtten de westerse cultuur te kopiëren zonder haar te begrijpen, al ware het een boek waarvan men enkel de letters en zinnen kopieert zonder op de betekenis te letten. Sommige moslims begonnen de normen en waarden van de westerse cultuur te imiteren zonder na te denken over de gevolgen hiervan. Zo ontstond er een groep mensen die, net zoals in de westerse cultuur, accepteerden dat de vrouwen zich naast de mannen bevinden zonder een enige vorm van afscheiding, zonder de gevolgen hiervan in acht te nemen. Zij trachtten de materiële vormen die de westerse vrouw ten beeld bracht te imiteren; maar zij beseften niet dat dezen gebaseerd zijn op de visie op het leven van de westerse cultuur, en zij beseften niet de tegenstrijdigheden hiervan met de islamitische visie op het leven. Als een slaaf van de westerse cultuur lieten deze mensen zich meeslepen met deze vertoningen zonder rekening te houden met de gevolgen hiervan. Toen men de oogverblindende westerse techniek zag, zag men er geen kwaad meer in om moslim vrouwen en mannen samen te brengen en te laten ontmoeten en lette men niet langer op de gevolgen hiervan. Zij meenden, alweer zonder de gevolgen in acht te nemen, dat de moslimvrouw getoond diende te worden met de westerse materiele vormen, door het dragen van de westerse klederdracht. Zij deden een oproep om de persoonlijke vrijheden van de moslimvrouw te waarborgen, zodat zij  vrij was te doen en laten wat zij wilde. Als gevolg hiervan meenden zij dat de vrouw zich kon bevinden tussen de mannen, zelfs indien hier geen noodzaak toe was, en riepen zij de vrouwen op hun charmes (tabarruj) en haar schoonheden (zeena) tentoon te stellen. Zij meenden ook dat  de vrouw een bestuurlijke taak kon opnemen en verklaarden dat dit een bewijs was van ontwikkeling en vooruitgang.

Deze na-apers bestempelden zichzelf als voorvechters van de persoonlijke vrijheden. Zij meenden zelfs dat een vrouw zich rechtstreeks en zonder beperkingen moest kunnen opdringen aan een man, enkel voor de genietingen van dit contact en voor het genieten van de persoonlijke vrijheden. In afwezigheid van een reden voor dit contact en  zonder noodzaak voor het samenkomen van man en vrouw. Zij beweerden dat door het gebruiken van hun persoonlijke vrijheden, de juiste verhoudingen tussen mannen en vrouwen bereikt zouden worden. De relaties tussen mannen en vrouwen verwerden echter tot slechts de verhouding tussen "mannelijkheid" en "vrouwelijkheid". De slechte invloed van deze groep mensen sloeg over op andere groepen binnen de samenleving. Deze vorm van contact verhinderde het ontstaan van relaties van samenwerking tussen mannen en vrouwen in het dagelijkse leven. Integendeel, het leidde enkel tot morele degeneratie, vrouwen die hun charmes, aantrekkelijkheid en versieringen toonden aan andere mannen buiten hun echtgenoten en de mahram (bloedverwanten tussen wie huwelijk verboden is) mannen. Als gevolg hiervan ontstond er onder de moslims tevens een afwijking van de juiste methode van denken wat resulteerde in een verandering in hun verlangens en afkeer, en in een vernietiging van de islamitische normen. Het westers sociale systeem werd als ideaal model genomen en zo werd de westerse maatschappij tot maatstaf (miqyas) genomen, zonder acht te slaan op het feit dat het westen geen oordeel heeft over buitenechtelijke gemeenschap van mannen en vrouwen, hier geen reden voor schaamte in ziet, noch een overtreding van juist en geaccepteerd gedrag of een bedreiging voor de moraal. Men deed dit zonder zich te realiseren dat al dit volledig in tegenspraak is met Islam. Bij het uitvoeren van deze handelingen keek men niet of deze tegenstrijdig waren met het islamitisch oordeel over de handelingen; men onderzocht niet of Islam deze westerse levensnorm accepteert of verwerpt; en men onderzocht niet of de westerse levenswijze de maatschappelijke moraal zware schade berokkent of niet. Dit zijn echter allen punten die fundamenteel indruisen tegen de islamitische principes. Zo ziet Islam de buitenechtelijke relatie tussen man en vrouw als een grote zonde (kaba'ir) waarvoor zware bestraffingen zijn voorzien; ofwel stokslagen, ofwel steniging met de dood tot gevolg. En Islam beziet de mensen die deze zonden begaan met minachting en afschuw, en stelt dat deze mensen door de maatschappij verbannen dienen te worden. Islam ziet eer en kuisheid als waarden die verplicht beschermd dienen te worden, waarbij geen ruimte is gelaten voor enige vorm van discussie hieromtrent. Om deze eer en kuisheid te beschermen dient men vrijwillig en met overtuiging zijn rijkdom en leven op te offeren, zonder enige uitvluchten te zoeken.

Deze imiterende mensen, de overdragers van westerse cultuur, hebben niet nagedacht over het verschil tussen de twee maatschappijen en hebben dit ook niet begrepen. Zij dachten niet na over de taken die Islam hen in het leven heeft opgedragen, noch begrepen zij wat de Goddelijke Wetgeving van hen verlangd. Zij spoedden voort in hun zoektocht naar imitatie om de vrouw te bevrijden, waarbij zij haar een kleed van losbandigheid (ibahiyyah) om hingen en een houding van onverschilligheid betreffende de moraal en verantwoordelijk gedrag. Deze imiterende mensen en overdragers van westerse cultuur hebben onder het mom van het realiseren van een wederopleving van de vrouw en van de Ummah het begrip van het sociaal systeem van Islam grote schade berokkend. In het begin vormden deze mensen een minderheid en keek de Ummah afwijzend naar hun uitnodiging. Maar nadat het kapitalistisch systeem ten uitvoer werd gebracht in de islamitische gebieden, eerst door de kolonisten zelf en nadien door de pionnen die blind in dezelfde richting liepen als de ongelovige kolonisten, kreeg deze minderheid een grotere macht als gevolg waarvan zij hun gedachtegoed aan de stedelijke bevolking en zelfs aan sommigen onder de dorpsbewoners konden verkondigen. Zij sleepten de Moslims mee op de weg die zij volgden, de weg van imitatie van de westerse cultuur. Deze imitatie leidde tot de verwijdering van het islamitische karakter van vele buurten in de islamitische steden. Wat dit aangaat is er vandaag de dag geen verschil tussen Istanboel en Caïro, Teheran en Damascus, Karachi en Bagdad, Al Quds (Jeruzalem) en Beiroet. Allen bevinden zich op het pad van de overbrengers en de na-apers van de westerse cultuur. 

Als gevolg op deze situatie was het vanzelfsprekend dat er een groep opkwam die zich verzette tegen dit gedachtegoed. Zo ontstonden er groepen die opriepen de eer van de vrouw en de goede eigenschappen van de islamitische maatschappij te beschermen. Zij deden dit echter zonder de islamitische systemen noch de regels van de Shari'ah voldoende te begrijpen. Zij accepteerden belangen (maslaha), zoals begrepen door het verstand, als onderdeel van studie en als criterium bij de beoordeling van ideeën en feiten. En zij riepen op tot het behoud van gewoonten en tradities. Zij riepen de mensen op vast te houden aan hun moraal, zonder te begrijpen dat het fundament hieronder de islamitische 'aqeedah moet zijn en dat de Shari'ah wetten het criterium zijn. Een blind fanatisme betreffende de hijab voor de vrouwen leidde ertoe dat er opgeroepen werd tot beperking van allerhande zaken voor vrouwen. De vrouwen werd toestemming het huis te verlaten onthouden of zelf de handelingen ter bevrediging van hun behoeften te ondernemen. Latere juristen (fuqaha) schreven de vrouw vijf typen van awrah toe:

1. Het awrah van het gebed (plaatsen die bedekt dienen te zijn tijdens het gebed),

2. Het awrah van de mahram mannen (plaatsen die bedekt dienen te zijn in het bijzijn van verwante, niet-huwbare mannen),

3. Het awrah van de non-mahram mannen (plaatsen die bedekt dienen te zijn in het bijzijn van vreemde mannen),

4. Het awrah van de moslim vrouwen (plaatsen die bedekt dienen te zijn in het bijzijn van Moslim vrouwen), en

5. Het awrah van de niet-moslim vrouwen (plaatsen die bedekt dienen te zijn in het bijzijn van niet-moslim vrouwen).

Op basis van deze klassering riepen ze op tot een volledige afzondering van vrouwen, om te voorkomen dat zij anderen zouden zien of dat zij door anderen zouden worden gezien. Zij riepen op haar het recht te ontnemen de activiteiten te ondernemen die horen bij het leven. Zij meenden dat de vrouw afgeschermd diende te worden van de wereldse zaken; een vrouw diende geen sociale, economische, gerechtelijke of politieke mening te hebben, mocht niet kiezen of verkozen worden. Zij metselden een muur tussen de vrouwen en het leven. Ze gingen zo ver te stellen dat sommige ayat van Allah (swt) geen betrekking hadden op vrouwen en dat deze enkel bedoeld waren voor mannen. Zij gaven de hadith van de Profeet (saw) over het schudden van de handen van de vrouwen tijdens het geven van de bai'a, zijn (saw) hadith over de awrah van de vrouw en zijn sociale transacties (mu'amalat) met vrouwen, interpretaties die overeenstemden met wat zij voor de vrouwen in het oog hadden en niet wat vereist was door de Hukm Shar'i.

Dit alles leidde ertoe dat de mensen afdwaalden van de Shari'ah wetten, en het verduisterde het sociaal systeem in de gedachten van de moslims. Hierdoor waren de ideeën van deze mensen niet in staat weerstand te bieden aan het ideeëngoed van hun tegenstanders, noch konden ze de invloed van westerse ideeën beperken of de aspecten van het islamitisch sociaal systeem verheffen onder de moslims. Dit alles vond plaats ondanks de aanwezigheid van vooraanstaande geleerden (ulama) binnen de Ummah, die qua aantal, kennis en cultuur niet onder deden voor de eerste mujtahidin en de geleerden van de wetsscholen, en ondanks het bestaan van een intellectuele en wetgevende rijkdom, de openbare en privé bibliotheken met waardevolle documenten en boeken waarover de Moslims konden beschikken. Geen enkele andere volk heeft ooit een gelijke welvaart bezeten. Ondanks al deze rijkdommen, konden de mensen die overdroegen en de na-aapten niet van hun fouten gehouden worden en konden de bekrompen geesten niet overtuigd worden van de islamitische opinie die op een juiste manier bepaald was door een vooraanstaand mujtahid, indien deze inging tegen de verlangens die deze mensen koesterden ten opzichte van de vrouwen. Dit had veel te maken met het feit dat mensen van alle zijden, de na-apers, de bekrompen geesten, de geleerden en de intellectuelen, alles behalve denkers waren. Zij begrepen de realiteit niet, noch de oordelen (hukm) van Allah (swt). Zij bestudeerden de Shari'ah wetten niet om dezen precies toe te kunnen passen op de realiteit en om ze na te kunnen leven. Hierdoor bleven de maatschappijen in de moslim landen slingeren tussen twee begrippen: imitatie (taqleed) en stijve bekrompenheid (jumud). Het islamitisch sociaal systeem geraakte zeer verward, de moslimvrouwen in verbijstering achter latend. Zij bevond zich tussen aan de ene kant vrouwen die bewust of onbewust, of zonder de tegenstrijdigheden tussen de islamitische cultuur en de westerse cultuur te kennen, van de westerse cultuur namen en deze toepasten; en aan de andere kant vrouwen bekrompen van geest die niets deden ten voordele van zichzelf en wiens aanwezigheid absoluut niets deed ten voordele van de samenleving. Dit alles resulteerde omdat de mensen Islam niet verstandelijk bestudeerden en het islamitisch sociaal systeem niet begrepen.

Dit is de reden dat wij verplicht zijn het islamitische sociaal systeem alomvattend te onderzoeken en te bestuderen. We moeten dit bestuderen totdat we beseffen dat het handelt om de problemen die resulteren uit de samenkomst van man en vrouw, en de problemen die resulteren uit de relaties die uit deze samenkomst ontstaan. En totdat we begrijpen dat een oplossing nodig is voor deze ontmoetingen en de relaties die er uit resulteren. Men moet begrijpen dat de oplossing niet gebaseerd mag zijn op het verstand maar moet gebaseerd zijn  op de Shar'a bronnen. De rol van het verstand is de oplossing te begrijpen en te begrijpen dat het de oplossing is voor de moslim mannen en vrouwen die leven op een specifieke manier, de manier die Allah (swt) hen heeft voorgeschreven. En zij moeten hun levenswijze beperken tot hetgeen Allah (swt) heeft verordend in de Koran en de Sunnah, in hoeverre dit ook tegenstrijdig moge zijn met het westen, de traditie of de cultuur van de voorouders.

 

--------------------------------------------------------------------------------

[1] Het deel van het lichaam waarvoor een mens schaamte moet voelen, en dat derhalve in gemeenschap met mensen anders dan de eigen echtgeno(o)t(e) bedekt dient te zijn.

< Vorige   Volgende >
 [ Arabisch ]
Ayah
" ...Oordeel dan tussen hen volgens wat Allah heeft neergezonden en volg hun neigingen niet in afwijking van wat van de waarheid tot jou gekomen is. Voor een iedere van jullie hebben Wij een norm en een weg bepaald..." (Zie vertaling v.d. betekennissen v.d. Koran soerat Al-Ma'ida: 48)
Hadith

Irbad ibn sariyah zegt : de Profeet (saw) maande ons met een preek, die onze harten deed sidderen en onze ogen liet tranen. ‘O, Boodschapper van Allah! Het was als een afscheidspreek, dus adviseer ons! vroegen wij.' Hij zei : "Ik adviseer jullie Allah te vrezen en om te luisteren en te gehoorzamen, zelfs in het geval er een slaaf als leider over jullie wordt benoemd. Degenen die onder jullie leven zullen een groot aantal geschillen zien. Houdt dus stevig vast aan mijn Soenna en de Soenna van de rechtgeleide Kaliefen. Houdt jezelf afzijdig van vernieuwingen, want alle vernieuwingen zijn misleidingen." (Daarimi , ibn Majeh en Tirmidi)

over hadith..