|
بِسْمِ اللّهِ الرَّحْمـنِ الرَّحِيمِ Bismillah, ar Rahman, ar Rahiem,
قَدْ أَفْلَحَ الْمُؤْمِنُونَ(1)الَّذِينَ هُمْ فِي صَلَاتِهِمْ خَاشِعُونَ(2)وَالَّذِينَ هُمْ عَنِ اللَّغْوِ مُعْرِضُونَ(3)وَالَّذِينَ هُمْ لِلزَّكَاةِ فَاعِلُونَ(4)وَالَّذِينَ هُمْ لِفُرُوجِهِمْ حَافِظُونَ(5)إِلَّا عَلَى أَزْوَاجِهِمْ أوْ مَا مَلَكَتْ أَيْمَانُهُمْ فَإِنَّهُمْ غَيْرُ مَلُومِينَ(6)فَمَنِ ابْتَغَى وَرَاءَ ذَلِكَ فَأُولَئِكَ هُمُ الْعَادُونَ(7)وَالَّذِينَ هُمْ لِأَمَانَاتِهِمْ وَعَهْدِهِمْ رَاعُونَ(8) وَالَّذِينَ هُمْ عَلَى صَلَوَاتِهِمْ يُحَافِظُونَ(9)أُولَئِكَ هُمُ الْوَارِثُونَ(10)الَّذِينَ يَرِثُونَ الْفِرْدَوْسَ هُمْ فِيهَا خَالِدُونَ(11) "Succesvol zullen zijn de gelovigen. Degenen die het gebed verrichten plechtig en volledige onderdanigheid. En degenen die zich afwenden van Al Laghw (vies, vals, kwade en arrogante taal, vasheid, en alles dat Allah heeft verboden). En degenen die de zakat betalen. En degenen die hun kuisheid beschermen (oftewel die geen overspel plegen), behalve tegen hun vrouwen en hetgeen hun rechterhanden bezitten (aan slaven), want dan zal hen geen blaam treffen. Maar wie zoekt buiten dit, zij zijn de overtreders. Zij die nauwgezet trouw zijn aan hun amanaat (al de plichten die Allah verordend heeft, eerlijkheid, morele verantwoordelijkheid, betrouwbaarheid, etc.) en hun overeenkomsten. En zij die nauwkeurig waakzaam zijn over hun (vijf verplichte) gebeden (op de juiste tijd). Zij zullen inderdaad degenen zijn die zullen erven. Zij zulen erven Al Firdaus (het hoogste niveau in het Paradijs). Zij zullen daar in verblijven voor altijd." (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera al Moe'uminoen, vers 1 - 11) Introduktie
De persoonlijkheid (sjakhsiyya) van ieder mens bestaat uit zijn mentaliteit ('aqliyya) en zijn psyche (nafsiyya). Zijn fysieke eigenschappen, en al zijn andere eigenschappen, hebben geen relatie met zijn persoonlijkheid - zij zijn allen slecht oppervlakkigheden. Er bestaat geen reden om te denken dat dergelijke eigenschappen wel een relatie hebben met of van invloed zijn op de samenstelling van de persoonlijkheid. De mentaliteit ('aqliyya) is het instrument voor het begrijpen van de dingen. Oftewel, het zijn de oordelen over de realiteit gebaseerd op de specifieke maatstaf waarin het individu gelooft en waarop hij vertrouwt. Als zijn begrip van de dingen, oftewel zijn beoordelingen van de zaken, gebaseerd is op de Islamitische 'aqieda, dan heeft de mens een Islamitische mentaliteit. Als dit niet het geval is dan heeft de mens een mentaliteit anders dan de Islamitische mentaliteit. De psyche (nafsiyya) betreft de bevrediging van de menselijke instincten en behoeften, oftewel de manier waarop deze bevrediging plaatsvindt en de specifieke maatstaf waarin het individu gelooft, waarop hij vertrouwt, en waarop hij deze bevrediging baseert. Als de bevrediging is gebaseerd op de Islamitische 'aqieda dan heeft de mens een Islamitische psyche, en als dit niet het geval is dan heeft hij een psyche anders dan de Islamitische psyche. Als het individu één enkele maatstaf hanteert voor zowel zijn mentaliteit als zijn psyche, dan is zijn persoonlijkheid uniek en in balans. Als de Islamitische 'aqieda deze basis is voor zowel zijn mentaliteit als voor zijn psyche, dan is zijn persoonlijkheid Islamitisch. Zo niet, dan is zijn persoonlijkheid iets anders. Het is derhalve niet toereikend voor een individu wanneer enkel zijn mentaliteit Islamitisch is, waardoor hij de dingen en de handelingen beoordeelt op basis van de regels van de sjari'a, hij de regels kan extrapoleren (oftewel ijtihad verrichten, vert.), de halal (toegestaan) en de haram (verboden) kent, en dus volwassen is in denken en in besef. Hierdoor zal hij kunnen spreken op een krachtige en overtuigende manier, en welonderbouwde analyses van gebeurtenissen kunnen geven. Maar enkel dit volstaat niet. Het individu moet tevens over een Islamitische psyche beschikken waardoor hij zijn instincten en behoeften bevredigt op basis van Islam. Hij bidt, hij vast, hij reinigt zichzelf (als in woedoe, vert.) verricht de Hadj, houdt zich bezig met de halal en blijft weg van de haram. Hij doet zijn uiterste best om te zijn zoals Allah (swt) wil dat hij is, beweegt zich tot naderbij Allah (swt) door middel van de verplichtingen die Hij (swt) heeft opgelegd, en hij ziet vol begeerte uit naar de verrichting van de handelingen van Nawaafil (de aangeraden, meest verheven handelingen van aanbidding zoals bijvoorbeeld het nachtelijk gebed, vert.) om nog naderbij aan Allah (swt) te zijn. Hij neemt een eerlijke en oprechte houding aan ten overstaan van specifieke gebeurtenissen, gebiedt het goede en verbiedt het kwade, hij heeft lief in naam van Allah (swt) en hij haat in naam van Allah (swt), en zijn relaties zijn met mensen van goed en oprecht karakter. Het is daarmee evenmin toereikend om enkel een Islamitische psyche te hebben, zonder dus een Islamitische mentaliteit. Het aanbidden van Allah (swt) in onwetendheid kan ertoe leiden dat de mens afdwaalt van het rechte pad. Hij zou kunnen vasten op een dag dat dit is verboden en bidden op een moment dat dit afgeraden (makroeh) is. Hij zou dan "Laa hawla walaa qoewwata illa billah" kunnen zeggen op het moment dat hij waarneemt dat iemand een moenkar (een kwaad, verdorvenheid, vert.) verricht, in plaats van deze persoon tot de orde te roepen en hem te verbieden dergelijke kwade handelingen te verrichten. Hij zou zich met rente bezig kunnen houden om het daarna als aalmoes weg te geven, om dan te beweren dat hij zich naderbij aan Allah (swt) beweegt terwijl hij zichzelf feitelijk onderdompelt in zonde. Oftewel, hij doet wat slecht is terwijl hij denkt dat hij goed doet. Hij zou zijn instincten en behoeften bevredigen op wijzen in tegenspraak met wat Allah (swt) en Zijn Boodschapper (saw) hebben verordend. De persoonlijkheid zal niet compleet zijn als de mentaliteit niet Islamitisch is, zodat de mens kennis heeft van de regels die bindend voor hem zijn en hij zich in zal zetten om in kennis toe te nemen betreffende de verschillende disciplines van sjari'a, zoveel hij kan. Tegelijkertijd moet er de Islamitische psyche zijn zodat de mens zich ook houdt aan de regels van de sjari'a, in plaats van dat hij ze enkel kent. Hij moet deze regels in de praktijk brengen bij iedere kwestie, of dit nu betreffende de Schepper is, zichzelf, of anderen, en wel op een manier waarvan Allah (swt) houdt en waarmee Hij (swt) instemt. Wanneer het individu zijn mentaliteit en psyche onder controle heeft en dezen vorm geeft volgens Islam, dan kan men zeggen dat dit individu een Islamitische persoonlijkheid heeft, welke hem te midden van de massa voort zal drijven naar wat goed is, enkel Allah (swt) vrezend. Echter, dit betekent niet dat er nooit enige terugval (in door Allah (swt) afgeraden of verboden zaken, vert.) zal zijn. Maar een terugval zal niet de persoonlijkheid beïnvloeden zolang deze een uitzondering is en niet de regel. Dit is omdat de mens niet een engel is: hij zal fouten maken, berouw hebben, vergiffenis zoeken en tevens doen hetgeen juist is, en Allah (swt) prijzen voor zijn Barmhartigheid, Genade en Leiding. Des te meer een moslim zich verdiept in de Islamitische cultuur om zijn mentaliteit te ontwikkelen, en des te meer hij de aangeraden handelingen verricht om zijn psyche te ontwikkelen, des te meer zal hij zich bewegen tot de sublieme verhevenheid. Niet enkel zal hij stevig verankerd zijn in deze verheffing (en dus niet terugvallen, vert.), maar hij zal zich ook blijven verheffen, hoger en hoger. Dit zal zijn wanneer de moslim zijn leven op de juiste manier onder controle heeft en het Aachira (Hiernamaals) verdient door ernaar te streven als een gelovige. Hij zal verbonden zijn met de Mirhaab van de moskee (hetgeen de richting waarin het gebed verricht moet worden -Ka'aba- aangeeft, vert.), en hij zal tegelijkertijd een held van Djihad zijn die wordt gekarakteriseerd door de besten van eigenschappen. Een dienaar van Allah de Almachtige, de Schepper, Degene bij wie alles haar oorsprong vindt. In dit boek, dat we aanbieden aan de moslims in het algemeen maar specifiek aan de dragers van de da'awa, willen we de essentiele elementen van de Islamitische persoonlijkheid presenteren, opdat voor de da'awa drager - terwijl hij werkt aan de wederoprichting van de Khilafah - zijn tong zacht zal zijn door de herinnering aan Allah (swt), zijn hart met vrees voor Allah (swt) gevuld zal zijn, en zijn ledematen zich zullen haasten in de richting van de goede handelingen. Hij (de da'awa drager, vert.) reciteert de Koran, handelt op basis van de Koran, houdt van Allah (swt) en Zijn Boodschapper (saw), heeft lief in naam van Allah (swt) en haat in naam van Allah (swt), heeft hoop in de genade van Allah (swt) en vreest Zijn (swt) bestraffing, is geduldig, de beloning in het Hiernamaals verwachtende, oprecht en vertrouwende op Allah (swt). Hij is ferm wanneer het de waarheid betreft, onbeweeglijk als de berg, hij is zachtaardig, vol medeleven voor de gelovigen maar ferm tegenover de ongelovigen, niemand vrezende in Allah's (swt) naam. Hij bezit een goed karakter, zijn woorden zijn zoet maar sterk in bewijs, hij gebiedt het goede en verbiedt het kwade, hij leeft en werkt in dit leven maar zijn oog is altijd op het Paradijs (Djenna) gericht, dat zo breed is als de hemelen en de aarde en is bereid voor de gelovigen. Wij willen niet deze gelegenheid voorbij laten gaan en de da'awa dragers, in het bijzonder zij die werken voor de wederopname van de Islamitische manier van leven door de wederopricting van de Rechtvaardige Khilafah-staat, herinneren aan de realiteit waarin zij zich bewegen. Zij worden omringd door de vijanden van Allah (swt). Als jullie niet met Allah (swt) zijn, overdag en 's nachts, hoe zullen jullie dan voort kunnen gaan op jullie verschillende paden in dit leven? Hoe zullen jullie je doel dan kunnen bereiken? Hoe zullen jullie je dan kunnen verheffen, hoger en hoger? Hoe? Hoe? Ten slotte moet de drager van de da'awa zich twee verlichtende ahadith (overleveringen) overdenken, de welken hun paden zullen verlichten waardoor zij hun doelstellingen zullen kunnen realiseren en hun stappen zullen versnellen. Ten eerste: أول دينكم نبوة و رحمة ثم خلافة علي منهاج النبوة....ثم تعود خلافة علي منهاج النبوة "Het begin van jullie dien was het profeetschap en de genade, en daarna werd het Khilafah in overeenstemming met het profeetschap ... en uiteindelijk zal de Khilafah in overeenstemming met het profeetschap terugkeren." (Moslim) Deze hadith bevat het goede nieuws over de terugkeer van de Khilafah, zo Allah (swt) wil. Maar deze zal terugkeren zoals de eerste Khilafah was, de Khilafah van de rechtgeleiden, de metgezellen van de Boodschapper van Allah (saw), moge Allah (swt) tevreden met hen zijn. En degene die verlangt naar deze terugkeer en die ernaar verlangt om dit mee te maken, laat hem er als gelovige aan werken, zodat hij zal streven om te worden net zoals de metgezellen van de Boodschapper van Allah (saw), moge Allah (swt) tevreden met hen zijn. Ten tweede: ان الله سبحنه قال: من أهان لي وليا فقد بارزني في العداوة, ابن آدم لن تدرك ما عندي الا بأداء ما افترضته عليك, ولا يزال عبدي يتقرب الي بالنوافل حتي أحبه, فأكون قلبه الذي يعقل به, ولسانه الذي ينطق به, و بصره الذي يبصر به, فاذ دعاني أجبته, واذا سألني أعطيته, واذا استنصرني نصرته, وأحب عبادة عبدي الي النصيحة "Voorzeker, Allah heeft gezegd: Degene die mijn wali (vrome dienaar) kleineert, hij heeft vijandigheid tegenover mij getoond. Oh zoon van Adam! Jullie zullen niet verkrijgen hetgeen ik heb behalve door de verplichtingen die ik jullie heb opgelegd na te komen. Mijn dienaar zal zich doorlopend nader tot mij bewegen door middel van de Nawaafil, totdat Ik van hem zal houden. Ik zal dan het hart zijn waarmee hij denkt, de tong waarmee hij spreekt, het oog waarmee hij ziet. Dus, wanneer hij Me dan aanroept dan zal Ik hem antwoorden, wanneer hij Me dan om iets vraagt dan zal Ik hem dit geven, en wanneer hij Me dan om hulp vraagt dan zal Ik hem helpen. En de door Mij meest geliefde aanbidding van Mijn dienaren is de nasieha (het oprechte advies)." (Overgeleverd door At Tabaraani in zijn Al Kabier) Deze hadith maakt het pad duidelijk dat leidt tot de overwinning van Allah (swt), Zijn (swt) steun en hulp, door tot nabij aan Hem (swt) te bewegen en Hem (swt) om Zijn (swt) hulp te verzoeken. Hij is Almachtig, degene die Hij (swt) helpt zal nooit gekleineerd worden, en degene die Hij (swt) kleineert zal nooit geholpen worden. Hij (swt) is nabij aan Zijn dienaren wanneer dezen Hem aanroepen, Hij (swt) beantwoordt wanneer deze Hem (swt) gehoorzaamt, Hij is de Onweerstaanbare, (verheven) boven Zijn slaven, de Meest aardige, Degene bekend met alle zaken. Dus haast u broeders naar de tevredenheid bij Allah (swt), naar Zijn vergiffenis, naar Zijn Djenna (Paradijs), naar de overwinning en het succes in beide verblijfplaatsen (het tegenwoordige en het komende leven, vert.): وفي ذَلك فليتنافس المتنافيون "En laat daarom degenen die zich willen inspannen, zich inspannen." (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, soera Al Moetaffifien, vers 26) Hizb ut-Tahrir
Inhoudsopogave:
1. Het haasten om de sjari'a na te komen 2. Het behouden van de recitatie van de Koran 3. De liefde voor Allah (swt) en Zijn Boodschapper (saw) 4. Lief hebben en haten in naam van Allah (swt) 5. Vrees voor Allah (swt), in het open en in het verborgene 6. Huilen uit vrees voor Allah (swt), en bij de herinnering aan Hem (swt) 7. Hoop hebben op Allah (swt) en het niet opgeven van vertrouwen in Zijn (swt) genade 8. Geduld in het aanzicht van tegenspoed en tevreden zijn met het Goddelijke Verordende 9. Smeken, herinneren en het zoeken van vergiffenis 10. Vertrouwen op Allah (swt) en oprechtheid tegenover Hem (swt) 11. Vasthoudendheid en standvastig met betrekking tot de Waarheid 12. Nederigheid tegenover de gelovigen en streng tegenover de ongelovigen 13. Verlangen naar het Paradijs (Djennah) en wedijveren in goede daden 14. De beste onder jullie in moraal (achlaq) 15. De etiquette betreffende discussie 16. De zegeningen voor de vreemde (ghoerabaa) die corrigeert hetgeen de mensen hebben verdraaid
|