|
De moderniteit (of: het modernisme) heeft sinds het tijdperk van de Europese verlichting tot de dag van vandaag de aandacht getrokken van schrijvers, filosofen en sociologen. Het heeft een unieke en aanzienlijke plaats ingenomen in het werk van bijvoorbeeld Karl Marx, Emile Durkheim en Max Weber, en is tevens in verschillende werken van schrijvers zoals J. Habermas, A. Gidden, J.F. Lyotard en A. Touraine onder de aandacht gebracht. Het begin van de moderniteit, zoals vele historici hebben aangegeven, ligt in de periode van de doorbraak van religieuze hervormingen in Europa in 1517, geleid door Maarten Luther (1483 - 1546). Het concept van de moderniteit heeft een filosofische en politieke diepgang gekregen in de 17e en 18e eeuw, aangezien het de basis vormde van de geboorte van het individuele denken, en vorm gaf aan het kapitalistische principe met het seculiere credo en democratische systeem. Het modernisme is derhalve hetgeen het liberalisme en "de vrije wereld" op gebouwd zijn. In de periode voor de doorbraak van de moderniteit had men zich in het westen vastgeklampt aan haar traditioneel christelijk gedachtegoed, ondanks het feit dat het dit gedachtegoed aan een intellectuele basis ontbrak. Normen en traditionele culturele waarden waren gebaseerd op dit gedachtegoed, en waren derhalve niet voor verandering vatbaar, aangezien het gedachtegoed zelf niet van verandering en vooruitgang uitging. Maar de voortgang van wetenschap en techniek, de industriële revolutie en andere voortdurende veranderingen, hebben geleid tot het vervagen van deze normen en traditionele culturele waarden in het westen. In het kader van deze maatschappelijke en culturele uitkomsten kan de algemene context waarin de moderniteit door onderzoekers is geplaatst, worden begrepen. Moderniteit wordt door hen namelijk omschreven als een maatschappelijke beweging, een beschavend project, een manier van leven, en een fundament voor kennis; gebaseerd op verandering en uitvinding. Eenieder van Karl Marx, Emile Durkheim en Max Weber beschouwden de moderniteit als toonbeeld van industriële organisatie, een alomvattend idee waarop de samenleving zich beweegt. Volgens Max Weber is de moderniteit: "Moderniteit is de splitsing in de eenheid van hemel en aarde, die de wereld verloste van fictie en betovering." Schoppenhauer stelt: "Moderniteit betekent egoïsme en het afstand nemen van de maatschappelijke identiteit." En Webster's Dictionary omschrijft de moderniteit als volgt: "Een unieke manier van leven of denken; filosofie en uitdrukking van moderne kunst; en vooral de bedoelde individuele opstand van het bewustzijn tegen het verleden en de zoektocht naar nieuwe vormen van verandering in welke willekeurige tak van de kunsten." Waar allen in hun beschrijvingen van de moderniteit op doelen is dat na een lange periode van tijd waarin al de ideeën, systemen en wetten in de samenleving gebaseerd waren op het traditioneel christelijk gedachtegoed, de moderniteit de beweging is waaronder de mensheid afstand heeft genomen van dit traditioneel gedachtegoed als basis voor het leven en een nieuwe weg is ingeslagen door de eigen inzichten en verlangens voortaan als fundament onder de ordening van het leven te nemen. Moderniteit; problematiek bij definiëring Hoewel dit begrip van waar de moderniteit voor staat wijdverbreid is, is het een feit dat voor veel van de mensen die zich met het concept moderniteit bezig hebben gehouden de term zelf problemen met zich meegebracht heeft. Deze problematiek omtrent de term "moderniteit" heeft verschillende oorzaken: Om te beginnen, het is bijvoorbeeld moeilijk gebleken een exacte definitie van de term moderniteit vast te leggen. De reden hiervoor is dat de term toegewezen is geworden, zonder dat ooit een consensus is ontstaan over de precieze eigenschappen van hetgeen met "de moderniteit" wordt beschreven. Een van de discussies omtrent het fenomeen moderniteit betreft namelijk de vraag of de moderniteit nu een plaatselijk en tijdelijk fenomeen is, of juist niet; en dus een universeel, tijdloos verschijnsel. Buiten dit, sommige mensen hangen het idee aan dat de moderniteit de vrucht is van de creativiteit van de Europese denkers, terwijl andere van mening zijn dat de moderniteit veel meer het resultaat is van een samenspel van ontwikkelingen in verschillende culturen. Hierbij dient opgemerkt te worden dat zelfs onder de mensen die overeenstemmen dat de Europese mens het modernisme tot stand heeft gebracht, van mening wordt verschilt bij de vraag of het modernisme nu een breuk met het verleden betreft, of eerder een continuering van de Grieks christelijke traditie van Europa. Het valt dus moeilijk te denken en te discussieren over de moderniteit, omdat zoveel mensen er verschillende dingen in zien. Buiten dit, er bestaat tevens vanuit zuiver linguïstisch oogpunt een probleem betreffende de moderniteit. Dit betreft het woord dat is gekozen om de waargenomen beweging te beschrijven. Het woord "moderniteit" komt voort uit de Latijnse wortel "mode". "Modernus", een van de vervormingen van deze wortel, betekent "het tegenwoordige, huidige, hedendaagse; tegengesteld aan het oude." Op het eerste gezicht, dus, valt de term gekozen voor de beschreven beweging te begrijpen. Onder de beweging werd afstand genomen van de oude ideeën en tradities en werden deze vervangen door nieuwe ideeën en tradities. En omdat het nieuwe fundament waarop van dat moment af aan men de samenleving baseerde, de inzichten en de verlangens van de mens, altijd aan verandering en vernieuwing onderhevig zijn, zijn tevens de ideeën, de systemen, de wetten en de tradities die resulteren uit de moderniteit altijd aan verandering en (dus) vernieuwing onderhavig. Een van de kenmerken van de moderniteit is derhalve bijvoorbeeld de continue zoektocht naar vernieuwing, verandering en verbetering. En de moderniteit kan daarmee nooit af zijn. Het probleem dat zich hierbij voordoet is dat in een situatie van verandering en vernieuwing, hetgeen dat gister modern was dat vandaag nog onmogelijk kan zijn. Bijvoorbeeld de verlichting is vandaag de dag iets waarover men leert tijdens de geschiedenisles op school. Ze had plaats ruim 200 jaren geleden, en is daarmee oud. Het is niet een recente gebeurtenis meer, en de ideeën die zij heeft gebracht zijn niet langer nieuwe ideeën. Toch heeft de verlichting de basis heeft gelegd voor de moderniteit en de uitingen van de moderniteit zoals democratie en vrijheid, en zij behoort daarmee tot de moderniteit hoewel in de linguïstische betekenis van het woord zij niet modern is omdat ze niet uit de huidige tijd voortkomt. De term die dus wordt gebruikt voor het beschreven verschijnsel, past niet bij het verschijnsel. Dit is een van de fundamentele problemen waar de term "de moderniteit" mee te kampen heeft, zijnde dat waar zij voor staat niet langer ideeën van nu - oftewel moderne ideeën - zijn. Of zoals Lears het verwoordde: "Moderniteit is geëlimineerd in deze slechte tijden, het is iets wat niet van deze tijd is. Moderniteit is niet modern meer." Indien meer dan twee eeuwen geleden de kerk en de oude Europese culturele waarden door de moderniteit bevochten werden omdat deze ouderwets waren, dan dient vandaag de dag de verlichting door de moderniteit bevochten te worden, omdat ze niet van de 21e eeuw is! Een verder probleem bij de term moderniteit, buiten dat zij zelf niet langer modern is, is dat in tegenstelling tot wat men zou verwachten het niet de moderniteit van ideeën is die bepaald of zij onderdeel zijn van "de moderniteit". "Modern" als classificatie van ideeën past niet bij de moderniteit. Niemand zal ontkennen, bijvoorbeeld, dat het idee van democratie een wezenlijk onderdeel van "de moderniteit" is. Toch is democratie een idee dat reeds dat 2500 jaren oud is en terug te voeren valt tot de oude Grieken. Op basis van het criterium van moderniteit zou men derhalve verwachten dat de oplossingen en systemen van Islam - 1400 jaren oud, slechts, en dus wezenlijk moderner dan democratie - onderdeel zijn van "de moderniteit". Toch worden dezen door de moderniteit terzijde geschoven als voorbeeld van hetgeen waartegen zij zich verzet, en geclassificeerd als "ouderwets". Hierbij dient vermeld te worden dat onder invloed van de moderniteit in het denken van de mens "modern" een classificatie van ideeën is geworden met dezelfde betekenis als "goed". Objectief gezien, echter, is de moderniteit als beschrijving van ideeën wezenloos; net zoals bijvoorbeeld "extreem" of "radicaal". Dezen zeggen in werkelijkheid niets over een idee, en zijn derhalve niet geschikt om ideeën mee te beschrijven. Bij ideeën past enkel de classificatie "juist" indien zij overeenstemmen met de realiteit, en "onjuist" wanneer dit niet zo is. De tijd waarin het idee daarbij is ontstaan, zoals eigenlijk de acceptatie van democratie onder het modernisme ook aangeeft, is bij de beoordeling van ideeën niet van belang. Met de moderniteit als maatstaf houdt men de mensheid en het intellect dus eigenlijk voor de gek. Conclusie: Een helder, diep begrip van wat de moderniteit precies is, valt derhalve niet te halen uit de naam die deze beweging gegeven is. Het denken en de discussie over wat men noemt "de moderniteit" hebben te lijden onder de verwarring die het resultaat is van de punten hierboven aangehaald. Het is onjuist te denken dat alles dat modern is behoort tot "de moderniteit", en het is evenzo onjuist te denken dat "de moderniteit" hetgeen is dat modern is. Dit, tezamen met al de onduidelijkheid over de oorsprong van "de moderniteit", is de reden dat de beste beschrijving van "de moderniteit" resulteert uit de ideeën waarmee zij wordt geassocieerd: - Vooruitgang, - Rationalisme, - Positivisme, - Secularisme, - Humanisme, - Individualisme, en - Vrijheid. Redactie Expliciet Magazine: In een volgende uitgave van Expliciet Magazine zullen we ons, in artikel "Kritiek op de Moderniteit", dan ook op deze ideeën behorende bij de moderniteit richten.
|